BWBR0006493
Geldig vanaf 1995-01-01
Artikel 57a
Besluit burgerlijke stand 1994
1. De akte van registratie van een partnerschap vermeldt in het eerste gedeelte achtereenvolgens:
a. de geslachtsnaam van de geregistreerde partners vóór het aangaan van het geregistreerde partnerschap, alsmede hun voornamen, onder aanduiding van hun geslacht;
b. de plaats en de dag van geboorte van de geregistreerde partners;
c. de geslachtsnaam van de geregistreerde partners na het aangaan van het geregistreerd partnerschap;
d. de dag van het aangaan van het geregistreerd partnerschap en de plaats waar het is aangegaan.
2. De akte vermeldt in het tweede gedeelte de geslachtsnaam en de voornamen van de ouders van de geregistreerde partners.
3. De akte vermeldt in het derde gedeelte:
a. de geslachtsnaam en de voornamen van de getuigen;
b. de bij de akte van registratie van een partnerschap gegeven toestemming;
c. voor zover toepasselijk, de nationaliteit die een niet Nederlandse geregistreerde partner vermoedelijk heeft.
4. De ambtenaar van de burgerlijke stand, bedoeld in artikel 40, eerste lid, onder a, van dit besluit is de ambtenaar ten overstaan van wie de registratie bedoeld in artikel 80a, derde lid, van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboekis aangegaan.
a. de geslachtsnaam van de geregistreerde partners vóór het aangaan van het geregistreerde partnerschap, alsmede hun voornamen, onder aanduiding van hun geslacht;
b. de plaats en de dag van geboorte van de geregistreerde partners;
c. de geslachtsnaam van de geregistreerde partners na het aangaan van het geregistreerd partnerschap;
d. de dag van het aangaan van het geregistreerd partnerschap en de plaats waar het is aangegaan.
2. De akte vermeldt in het tweede gedeelte de geslachtsnaam en de voornamen van de ouders van de geregistreerde partners.
3. De akte vermeldt in het derde gedeelte:
a. de geslachtsnaam en de voornamen van de getuigen;
b. de bij de akte van registratie van een partnerschap gegeven toestemming;
c. voor zover toepasselijk, de nationaliteit die een niet Nederlandse geregistreerde partner vermoedelijk heeft.
4. De ambtenaar van de burgerlijke stand, bedoeld in artikel 40, eerste lid, onder a, van dit besluit is de ambtenaar ten overstaan van wie de registratie bedoeld in artikel 80a, derde lid, van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboekis aangegaan.