BWBR0006493
Geldig vanaf 1995-01-01
Artikel 43
Besluit burgerlijke stand 1994
1. De akte van geboorte vermeldt in het eerste gedeelte achtereenvolgens:
a. de geslachtsnaam dan wel voorlopige geslachtsnaam van het kind;
b. de voornamen dan wel voorlopige voornamen van het kind;
c. de dag en, voor zover bekend, het uur en de minuut van de geboorte;
d. de plaats van geboorte;
e. het geslacht van het kind;
2. De akte vermeldt in het tweede gedeelte achtereenvolgens:
a. de geslachtsnaam en de voornamen van de vader of de moeder uit wie het kind niet is geboren;
b. de geslachtsnaam en de voornamen van de moeder uit wie het kind is geboren. Deze persoon kan, indien hij ten tijde van de geboorte van het kind van het mannelijk geslacht was, in de akte overeenkomstig de akte van erkenning of op zijn verzoek worden aangeduid als ouder uit wie het kind is geboren;
3. De akte vermeldt in het derde gedeelte achtereenvolgens:
a. indien toepasselijk, dat de geslachtsnaam gekozen is;
b. voor zover bekend, de plaats en de dag van de geboorte van de vader of de moeder uit wie het kind niet is geboren en van de moeder of, overeenkomstig het voorgaande lid, onder b, de ouder uit wie het kind is geboren;
c. de geslachtsnaam en de voornamen alsmede de plaats en de dag van geboorte van de aangever;
d. indien toepasselijk, dat de voornamen ambtshalve door de ambtenaar van de burgerlijke stand zijn gegeven.
a. de geslachtsnaam dan wel voorlopige geslachtsnaam van het kind;
b. de voornamen dan wel voorlopige voornamen van het kind;
c. de dag en, voor zover bekend, het uur en de minuut van de geboorte;
d. de plaats van geboorte;
e. het geslacht van het kind;
2. De akte vermeldt in het tweede gedeelte achtereenvolgens:
a. de geslachtsnaam en de voornamen van de vader of de moeder uit wie het kind niet is geboren;
b. de geslachtsnaam en de voornamen van de moeder uit wie het kind is geboren. Deze persoon kan, indien hij ten tijde van de geboorte van het kind van het mannelijk geslacht was, in de akte overeenkomstig de akte van erkenning of op zijn verzoek worden aangeduid als ouder uit wie het kind is geboren;
3. De akte vermeldt in het derde gedeelte achtereenvolgens:
a. indien toepasselijk, dat de geslachtsnaam gekozen is;
b. voor zover bekend, de plaats en de dag van de geboorte van de vader of de moeder uit wie het kind niet is geboren en van de moeder of, overeenkomstig het voorgaande lid, onder b, de ouder uit wie het kind is geboren;
c. de geslachtsnaam en de voornamen alsmede de plaats en de dag van geboorte van de aangever;
d. indien toepasselijk, dat de voornamen ambtshalve door de ambtenaar van de burgerlijke stand zijn gegeven.