BWBR0006479
Geldig vanaf 1994-03-01
Artikel 3
Regels om bij de berekening van het aantal arbeidsuren, uren waarin geen arbeid is verricht, gelijk te stellen met arbeidsuren, en uren, waarin arbeid is verricht, buiten beschouwing te laten
1. Indien de berekening van het aantal arbeidsuren, bedoeld in artikel 3, tweede lid, van het Besluit werkloosheid onderwijs- en onderzoekpersoneel, als gevolg van een bepaalde wijze van invulling van arbeidsduurverkorting, geen juist beeld geeft van het verrichte arbeidspatroon, worden afhankelijk van de wijze waarop die invulling heeft plaatsgevonden:
a. uren, waarin betrokkene niet heeft gewerkt, gelijkgesteld met arbeidsuren;
b. uren, waarin de betrokkene heeft gewerkt, buiten beschouwing gelaten; of
c. zowel uren, waarin de betrokkene niet heeft gewerkt, gelijkgesteld met arbeidsuren, als uren, waarin de betrokkene heeft gewerkt, buiten beschouwing gelaten.
2. Voor de toepassing van het eerste lid wordt de arbeidsduurverkorting geacht gelijkelijk te zijn verspreid over een periode van een kalenderjaar.
a. uren, waarin betrokkene niet heeft gewerkt, gelijkgesteld met arbeidsuren;
b. uren, waarin de betrokkene heeft gewerkt, buiten beschouwing gelaten; of
c. zowel uren, waarin de betrokkene niet heeft gewerkt, gelijkgesteld met arbeidsuren, als uren, waarin de betrokkene heeft gewerkt, buiten beschouwing gelaten.
2. Voor de toepassing van het eerste lid wordt de arbeidsduurverkorting geacht gelijkelijk te zijn verspreid over een periode van een kalenderjaar.