BWBR0006155
Geldig vanaf 2013-07-01
Artikel 4a
Besluit verplicht bodemonderzoek bedrijfsterreinen
1. Het bevoegd gezag kan een of meer instanties aanwijzen, die belast zijn met het uitvoeren van een BSB-aktie met het oog op een onderzoek als bedoeld in artikel 4, vijfde lid, onder a.
2. Indien het bevoegd gezag geen aanwijzing heeft gedaan als bedoeld in het eerste lid, is het bevoegd gezag zelf belast met het uitvoeren van een BSB-aktie.
3. Een BSB-aktie omvat ten minste:
a. het inventariseren van in gebruik zijnde bedrijfsterreinen waar activiteiten plaatsvinden of hebben plaatsgevonden waardoor de bodem kan worden of zijn verontreinigd of aangetast;
b. het per bedrijfsterrein aangeven met welke prioriteit een onderzoek naar de kwaliteit van de bodem noodzakelijk is, en het uitnodigen van de betreffende bedrijven tot het verrichten van dit onderzoek, en
c. het registreren van de resultaten van de onder b bedoelde bodemonderzoeken.
4. De in het eerste lid bedoelde instantie meldt het bevoegd gezag eenmaal per kwartaal de prioriteiten, bedoeld in het derde lid, onder b, in het eerstvolgende kwartaal, alsmede welke van de in het derde lid, onder b, bedoelde onderzoeken in het daaraan voorafgaande kwartaal hebben plaatsgevonden.
2. Indien het bevoegd gezag geen aanwijzing heeft gedaan als bedoeld in het eerste lid, is het bevoegd gezag zelf belast met het uitvoeren van een BSB-aktie.
3. Een BSB-aktie omvat ten minste:
a. het inventariseren van in gebruik zijnde bedrijfsterreinen waar activiteiten plaatsvinden of hebben plaatsgevonden waardoor de bodem kan worden of zijn verontreinigd of aangetast;
b. het per bedrijfsterrein aangeven met welke prioriteit een onderzoek naar de kwaliteit van de bodem noodzakelijk is, en het uitnodigen van de betreffende bedrijven tot het verrichten van dit onderzoek, en
c. het registreren van de resultaten van de onder b bedoelde bodemonderzoeken.
4. De in het eerste lid bedoelde instantie meldt het bevoegd gezag eenmaal per kwartaal de prioriteiten, bedoeld in het derde lid, onder b, in het eerstvolgende kwartaal, alsmede welke van de in het derde lid, onder b, bedoelde onderzoeken in het daaraan voorafgaande kwartaal hebben plaatsgevonden.