BWBR0006132
Geldig vanaf 1993-09-11
Artikel 3
Regeling houdende voortzetting van de aanspraak krachtens de A.w.b.z. op sera, vaccins en allergenen
1. Onverminderd artikel 2, aanhef en onder a, van de Regeling zijn de allergenen, bedoeld in artikel 9 van het Besluit immunologische farmaceutische produkten, die niet zijn opgenomen in bijlage 5 of 6 van de Regeling, slechts onder de farmaceutische hulp begrepen gedurende twaalf maanden na het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet van 14 november 1991 (Stb. 670).
2. Indien met betrekking tot een allergeen als bedoeld in het eerste lid binnen drie maanden na het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet van 14 november 1991 (Stb. 670) een aanvraag als bedoeld in artikel 16 van de Regeling is ingediend, is het allergeen, in afwijking van het eerste lid ook na de daar bedoelde periode onder de farmaceutische hulp begrepen tot het tijdstip waarop op de aanvraag is beslist.
2. Indien met betrekking tot een allergeen als bedoeld in het eerste lid binnen drie maanden na het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet van 14 november 1991 (Stb. 670) een aanvraag als bedoeld in artikel 16 van de Regeling is ingediend, is het allergeen, in afwijking van het eerste lid ook na de daar bedoelde periode onder de farmaceutische hulp begrepen tot het tijdstip waarop op de aanvraag is beslist.