BWBR0006086
Geldig vanaf 1993-08-01
Artikel 2
Regeling bevoorschotting personele kosten primair – en voortgezet onderwijs
1. De hoogte van het voorschot van de CASO-deelnemer wordt door de minister op basis van een maandelijkse voorschotaanvraag vastgesteld.
2. De voorschotaanvraag vermeldt:
a. BRIN-nummer;
b. indicatie FBS-deelnemer;
c. maand en jaar van de voorschotaanvraag;
d. bedrag netto loonkosten;
e. bedrag af te dragen pensioenpremies en loonheffing;
f. aantal verbruikte formatierekeneenheden.
3. De hoogte van het maandelijkse voorschot van niet-CASO-deelnemers wordt vastgesteld op basis van het aan de school toegekende formatiebudget en de voor het betreffende schooljaar geldende gemiddelde personeelslast.
4. Het voorschot wordt aan het bevoegd gezag van de school via GEFIS betaalbaar gesteld.
2. De voorschotaanvraag vermeldt:
a. BRIN-nummer;
b. indicatie FBS-deelnemer;
c. maand en jaar van de voorschotaanvraag;
d. bedrag netto loonkosten;
e. bedrag af te dragen pensioenpremies en loonheffing;
f. aantal verbruikte formatierekeneenheden.
3. De hoogte van het maandelijkse voorschot van niet-CASO-deelnemers wordt vastgesteld op basis van het aan de school toegekende formatiebudget en de voor het betreffende schooljaar geldende gemiddelde personeelslast.
4. Het voorschot wordt aan het bevoegd gezag van de school via GEFIS betaalbaar gesteld.