BWBR0006006
Geldig vanaf 1993-06-18
Artikel 2
Asbest-verwijderingsbesluit
In de bouwverordening wordt bepaald dat:
a. Onverminderd het ter zake bepaalde in de bouwverordening het verboden is een bouwwerk te slopen zonder of in afwijking van een vergunning van burgemeester en wethouders (sloopvergunning), voor zover in dat bouwwerk asbest aanwezig is.
b. Het onder a bepaalde niet van toepassing is ten aanzien van bij de bouwverordening aangegeven gevallen, mits het voornemen tot slopen bij burgemeester en wethouders is gemeld en door hen overeenkomstig bij die verordening gegeven voorschriften binnen acht dagen na de dag waarop het voornemen tot slopen is gemeld, is medegedeeld dat geen sloopvergunning is vereist.
c. Indien burgemeester en wethouders ten aanzien van een bij de bouwverordening aangegeven geval, niet binnen de termijn, bedoeld onder b, hebben medegedeeld dat geen sloopvergunning is vereist, de mededeling van rechtswege is gedaan.
d. Burgemeester en wethouders aan een mededeling als bedoeld onder b, voorschriften kunnen verbinden met betrekking tot de verwijdering, opslag en afvoer van asbest binnen een bij die mededeling aangegeven termijn.
e. Een mededeling als bedoeld onder b, in elk geval wordt gedaan indien de melding betrekking heeft op het slopen van asbestbevattende vloerbedekking uit een tot bewoning bestemd gebouw. De houder van een mededeling als bedoeld onder b of c, tenminste verplicht is het gestelde in een door Onze Minister uitgegeven publikatie ter zake van het slopen van asbestbevattende vloerbedekking in acht te nemen. De houder van een zodanige mededeling voorts verplicht is ter zake van de afvoer van asbestbevattende vloerbedekking de in de gemeente geldende voorschriften in acht te nemen.
f. Indien ter zake van een geval als bedoeld onder b, door Onze Minister een publikatie is uitgegeven, de houder van een mededeling als bedoeld onder b of c, die op een zodanig geval betrekking heeft, tenminste verplicht is het gestelde in die publikatie in acht te nemen. De houder van een zodanige mededeling voorts verplicht is de ter zake van de afvoer in de gemeente geldende voorschriften in acht te nemen.
g. Een aanvraag om sloopvergunning tevens geldt als melding van het voornemen tot slopen als bedoeld onder b.
h. Burgemeester en wethouders eisen, voor zover de aanvraag is gericht op het verkrijgen van een sloopvergunning, de overlegging van een door een deskundig bedrijf opgesteld onderzoeksrapport waaruit in elk geval blijkt of en op welke plaatsen in het te slopen bouwwerk zich asbest bevindt en een door een deskundig bedrijf opgesteld onderzoeksrapport niet hoeft te worden overlegd indien naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is aangetoond of en waar zich asbest in het bouwwerk bevindt.
a. Onverminderd het ter zake bepaalde in de bouwverordening het verboden is een bouwwerk te slopen zonder of in afwijking van een vergunning van burgemeester en wethouders (sloopvergunning), voor zover in dat bouwwerk asbest aanwezig is.
b. Het onder a bepaalde niet van toepassing is ten aanzien van bij de bouwverordening aangegeven gevallen, mits het voornemen tot slopen bij burgemeester en wethouders is gemeld en door hen overeenkomstig bij die verordening gegeven voorschriften binnen acht dagen na de dag waarop het voornemen tot slopen is gemeld, is medegedeeld dat geen sloopvergunning is vereist.
c. Indien burgemeester en wethouders ten aanzien van een bij de bouwverordening aangegeven geval, niet binnen de termijn, bedoeld onder b, hebben medegedeeld dat geen sloopvergunning is vereist, de mededeling van rechtswege is gedaan.
d. Burgemeester en wethouders aan een mededeling als bedoeld onder b, voorschriften kunnen verbinden met betrekking tot de verwijdering, opslag en afvoer van asbest binnen een bij die mededeling aangegeven termijn.
e. Een mededeling als bedoeld onder b, in elk geval wordt gedaan indien de melding betrekking heeft op het slopen van asbestbevattende vloerbedekking uit een tot bewoning bestemd gebouw. De houder van een mededeling als bedoeld onder b of c, tenminste verplicht is het gestelde in een door Onze Minister uitgegeven publikatie ter zake van het slopen van asbestbevattende vloerbedekking in acht te nemen. De houder van een zodanige mededeling voorts verplicht is ter zake van de afvoer van asbestbevattende vloerbedekking de in de gemeente geldende voorschriften in acht te nemen.
f. Indien ter zake van een geval als bedoeld onder b, door Onze Minister een publikatie is uitgegeven, de houder van een mededeling als bedoeld onder b of c, die op een zodanig geval betrekking heeft, tenminste verplicht is het gestelde in die publikatie in acht te nemen. De houder van een zodanige mededeling voorts verplicht is de ter zake van de afvoer in de gemeente geldende voorschriften in acht te nemen.
g. Een aanvraag om sloopvergunning tevens geldt als melding van het voornemen tot slopen als bedoeld onder b.
h. Burgemeester en wethouders eisen, voor zover de aanvraag is gericht op het verkrijgen van een sloopvergunning, de overlegging van een door een deskundig bedrijf opgesteld onderzoeksrapport waaruit in elk geval blijkt of en op welke plaatsen in het te slopen bouwwerk zich asbest bevindt en een door een deskundig bedrijf opgesteld onderzoeksrapport niet hoeft te worden overlegd indien naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is aangetoond of en waar zich asbest in het bouwwerk bevindt.