BWBR0005920
Geldig vanaf 1993-04-01
Artikel 10
Besluit uitkering Europese programma's Twente 1993
1. Op een uitkering ter zake waarvan een beschikking als bedoeld in artikel 5geldt, kan op aanvraag van de provincie eenmaal per kalenderjaar door Onze Minister een voorschot worden verstrekt.
2. Het voorschot bedraagt een gedeelte van het in artikel 5, eerste lid, onder a, bedoelde bedrag, ter grootte van:
a. 10 procent in het jaar waarin de toezegging is gedaan;
b. 20 procent in elk van de twee op het onder a bedoelde kalenderjaar volgende kalenderjaren;
c. 25 procent in elk van de twee op het laatste onder b bedoelde kalenderjaar volgende kalenderjaren, met dien verstande dat in 1997 geen of een kleiner voorschot kan worden verstrekt, voorzover dat noodzakelijk is om te voorkomen dat aan de provincie een groter bedrag aan voorschotten wordt verstrekt dan het bedrag van de in totaal door de provincie gemaakte kosten.
2. Het voorschot bedraagt een gedeelte van het in artikel 5, eerste lid, onder a, bedoelde bedrag, ter grootte van:
a. 10 procent in het jaar waarin de toezegging is gedaan;
b. 20 procent in elk van de twee op het onder a bedoelde kalenderjaar volgende kalenderjaren;
c. 25 procent in elk van de twee op het laatste onder b bedoelde kalenderjaar volgende kalenderjaren, met dien verstande dat in 1997 geen of een kleiner voorschot kan worden verstrekt, voorzover dat noodzakelijk is om te voorkomen dat aan de provincie een groter bedrag aan voorschotten wordt verstrekt dan het bedrag van de in totaal door de provincie gemaakte kosten.