BWBR0005821
Geldig vanaf 29-01-1993
Artikel 4
Reglement op de Tuchtrechtspraak
1. De voorzitter, de vice-voorzitter en de overige leden kunnen tussentijds op eigen verzoek door het bestuur worden ontslagen.
2. Het bestuur kan de voorzitter, de vice-voorzitter en de overige leden ontslaan c. q. op non-actief stellen in de gevallen, waarin dit ten aanzien van leden van de rechterlijke macht kan geschieden. De beslissing wordt bij aangetekend schrijven aan betrokkene medegedeeld. De artikelen 11, 12 en 13 van de Wet op de rechtelijke organisatie zijn van overeenkomstige toepassing.
3. Tegen de beslissing tot ontslag, onderscheidenlijk tot het stellen op non-activiteit staat binnen dertig dagen na verzending van in het eerste lid bedoelde aangetekend schrijven beroep open op de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.
2. Het bestuur kan de voorzitter, de vice-voorzitter en de overige leden ontslaan c. q. op non-actief stellen in de gevallen, waarin dit ten aanzien van leden van de rechterlijke macht kan geschieden. De beslissing wordt bij aangetekend schrijven aan betrokkene medegedeeld. De artikelen 11, 12 en 13 van de Wet op de rechtelijke organisatie zijn van overeenkomstige toepassing.
3. Tegen de beslissing tot ontslag, onderscheidenlijk tot het stellen op non-activiteit staat binnen dertig dagen na verzending van in het eerste lid bedoelde aangetekend schrijven beroep open op de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0005821
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl