BWBR0005309
Geldig vanaf 1992-01-01
Artikel 20
Comptabiliteitsvoorschriften waterschappen
1. De balans met toelichting dient een getrouw beeld te geven van de financiële positie van het waterschap op het einde van het dienstjaar.
2. De materiële vaste activa worden gewaardeerd naar de grondslag van de historische kostprijs. Bij toepassing van andere waarderingsgrondslagen, dient dit in de toelichting op de balans te worden gemotiveerd.
3. Indien immateriële vaste activa op de balans worden opgenomen, worden zij gewaardeerd op ten hoogste de kosten die daaraan zijn besteed, verminderd met het bedrag van de afschrijvingen.
4. De waardering van de vorderingen op debiteuren geschiedt op basis van de nominale waarde. Indien niet de nominale waarde wordt opgenomen, dient dit in de toelichting op de balans te worden vermeld. Indien rekening gehouden wordt met een voorziening voor dubieuze debiteuren, dient dit eveneens in de toelichting op de balans te worden vermeld.
2. De materiële vaste activa worden gewaardeerd naar de grondslag van de historische kostprijs. Bij toepassing van andere waarderingsgrondslagen, dient dit in de toelichting op de balans te worden gemotiveerd.
3. Indien immateriële vaste activa op de balans worden opgenomen, worden zij gewaardeerd op ten hoogste de kosten die daaraan zijn besteed, verminderd met het bedrag van de afschrijvingen.
4. De waardering van de vorderingen op debiteuren geschiedt op basis van de nominale waarde. Indien niet de nominale waarde wordt opgenomen, dient dit in de toelichting op de balans te worden vermeld. Indien rekening gehouden wordt met een voorziening voor dubieuze debiteuren, dient dit eveneens in de toelichting op de balans te worden vermeld.