BWBR0005241
Geldig vanaf 1992-01-01
Artikel 3
Besluit vergunningaanvraag Wet op het consumentenkrediet
1. Bij de aanvraag om een vergunning moeten de volgende gegevens worden verstrekt:
a. de naam en het adres van de aanvrager;
b. de rechtsvorm, de handelsnaam, en het adres van de onderneming alsmede de naam en het adres van de bedrijfsleiders en de beheerders, tenzij artikel 4, tweede lid, van toepassing is;
c. een opgave van het eigen vermogen dat binnen de onderneming beschikbaar is ten behoeve van het deelnemen aan krediettransacties;
d. de criteria die de aanvrager voornemens is ten grondslag te leggen aan het al dan niet inwilligen van kredietaanvragen;
e. gegevens die inzicht geven in het beleid dat de aanvrager voornemens is te voeren ten aanzien van kredietnemers die nalatig zijn in de nakoming van hun verplichting tot betaling ingevolge de krediettransactie.
2. Indien de aanvraag wordt gedaan door een rechtspersoon, moeten daarbij voorts de volgende gegevens worden verstrekt:
a. de naam en het adres van iedere bestuurder van die rechtspersoon, tenzij artikel 4, tweede lid, van toepassing is;
b. indien een vergunning wordt aangevraagd met het oog op toepassing van artikel 12 van de wet: 1°. een opgave van de bij de rechtspersoon aangesloten instellingen waarvoor de vergunning mede dient te gelden;
2°. gegevens waaruit blijkt dat de rechtspersoon beschikt over voldoende mogelijkheden tot deskundige ondersteuning van de aangesloten instellingen;
3°. gegevens waaruit blijkt dat de rechtspersoon gemachtigd is de aangesloten instellingen bij de aanvraag en ook overigens voor de toepassing van hoofdstuk II van de wet te vertegenwoordigen.
1°. een opgave van de bij de rechtspersoon aangesloten instellingen waarvoor de vergunning mede dient te gelden;
2°. gegevens waaruit blijkt dat de rechtspersoon beschikt over voldoende mogelijkheden tot deskundige ondersteuning van de aangesloten instellingen;
3°. gegevens waaruit blijkt dat de rechtspersoon gemachtigd is de aangesloten instellingen bij de aanvraag en ook overigens voor de toepassing van hoofdstuk II van de wet te vertegenwoordigen.
a. de naam en het adres van de aanvrager;
b. de rechtsvorm, de handelsnaam, en het adres van de onderneming alsmede de naam en het adres van de bedrijfsleiders en de beheerders, tenzij artikel 4, tweede lid, van toepassing is;
c. een opgave van het eigen vermogen dat binnen de onderneming beschikbaar is ten behoeve van het deelnemen aan krediettransacties;
d. de criteria die de aanvrager voornemens is ten grondslag te leggen aan het al dan niet inwilligen van kredietaanvragen;
e. gegevens die inzicht geven in het beleid dat de aanvrager voornemens is te voeren ten aanzien van kredietnemers die nalatig zijn in de nakoming van hun verplichting tot betaling ingevolge de krediettransactie.
2. Indien de aanvraag wordt gedaan door een rechtspersoon, moeten daarbij voorts de volgende gegevens worden verstrekt:
a. de naam en het adres van iedere bestuurder van die rechtspersoon, tenzij artikel 4, tweede lid, van toepassing is;
b. indien een vergunning wordt aangevraagd met het oog op toepassing van artikel 12 van de wet: 1°. een opgave van de bij de rechtspersoon aangesloten instellingen waarvoor de vergunning mede dient te gelden;
2°. gegevens waaruit blijkt dat de rechtspersoon beschikt over voldoende mogelijkheden tot deskundige ondersteuning van de aangesloten instellingen;
3°. gegevens waaruit blijkt dat de rechtspersoon gemachtigd is de aangesloten instellingen bij de aanvraag en ook overigens voor de toepassing van hoofdstuk II van de wet te vertegenwoordigen.
1°. een opgave van de bij de rechtspersoon aangesloten instellingen waarvoor de vergunning mede dient te gelden;
2°. gegevens waaruit blijkt dat de rechtspersoon beschikt over voldoende mogelijkheden tot deskundige ondersteuning van de aangesloten instellingen;
3°. gegevens waaruit blijkt dat de rechtspersoon gemachtigd is de aangesloten instellingen bij de aanvraag en ook overigens voor de toepassing van hoofdstuk II van de wet te vertegenwoordigen.