BWBR0005035
Geldig vanaf 1991-04-01
Artikel 6
Besluit laad- en lostijden en overliggeld in de binnenvaart 1991
1. Onverminderd het bepaalde in artikel 5telt, voorzover de bevrachter of ontvanger het schip ophoudt nadat de laad- of lostijd, als bedoeld in artikel 4, is verstreken, elk tijdvak van zes uren, als bedoeld in artikel 5, eerste lid, als een halve overligdag en is met betrekking daartoe een vergoeding verschuldigd, gelijk aan de helft van het overliggeld per dag.
2. Het overliggeld bedraagt voor elke overligdag:
a. voor motorschepen: een vast bedrag van € 49,92, vermeerderd met € 0,26 per m3 van de verplaatsing.
b. voor sleepschepen en duwbakken: 1e. indien de verplaatsing van het schip minder dan 600 m3 is, een vast bedrag van € 68,07, vermeerderd met € 0,10 per m3 van de verplaatsing;
2e. indien de verplaatsing van het schip 600 m3 of meer is, een vast bedrag van € 127,97, vermeerderd met € 0,09 voor elke m3 boven 600 m3 van de verplaatsing.
1e. indien de verplaatsing van het schip minder dan 600 m3 is, een vast bedrag van € 68,07, vermeerderd met € 0,10 per m3 van de verplaatsing;
2e. indien de verplaatsing van het schip 600 m3 of meer is, een vast bedrag van € 127,97, vermeerderd met € 0,09 voor elke m3 boven 600 m3 van de verplaatsing.
3. Voor de berekening van het overliggeld worden een halve m 3en een gedeelte van een m 3, groter dan een halve m 3, voor een gehele m 3gerekend en wordt een gedeelte van een m 3, kleiner dan een halve m 3, verwaarloosd.
4. Het overliggeld per tijdvak of per dag wordt afgerond op hele centen, waarbij een halve cent wordt afgerond naar boven.
2. Het overliggeld bedraagt voor elke overligdag:
a. voor motorschepen: een vast bedrag van € 49,92, vermeerderd met € 0,26 per m3 van de verplaatsing.
b. voor sleepschepen en duwbakken: 1e. indien de verplaatsing van het schip minder dan 600 m3 is, een vast bedrag van € 68,07, vermeerderd met € 0,10 per m3 van de verplaatsing;
2e. indien de verplaatsing van het schip 600 m3 of meer is, een vast bedrag van € 127,97, vermeerderd met € 0,09 voor elke m3 boven 600 m3 van de verplaatsing.
1e. indien de verplaatsing van het schip minder dan 600 m3 is, een vast bedrag van € 68,07, vermeerderd met € 0,10 per m3 van de verplaatsing;
2e. indien de verplaatsing van het schip 600 m3 of meer is, een vast bedrag van € 127,97, vermeerderd met € 0,09 voor elke m3 boven 600 m3 van de verplaatsing.
3. Voor de berekening van het overliggeld worden een halve m 3en een gedeelte van een m 3, groter dan een halve m 3, voor een gehele m 3gerekend en wordt een gedeelte van een m 3, kleiner dan een halve m 3, verwaarloosd.
4. Het overliggeld per tijdvak of per dag wordt afgerond op hele centen, waarbij een halve cent wordt afgerond naar boven.