BWBR0004418
Geldig vanaf 2008-10-06
Artikel 5
Besluit Centraal Fonds voor de Volkshuisvesting
1.. Ten behoeve van het toezicht verstrekt de toegelaten instelling, naast de bescheiden, bedoeld in artikel 30 van het Besluit beheer sociale-huursector, jaarlijks:
a. voor 1 februari aan het fonds een bestuursverklaring bij de gegevens, bedoeld in bijlage I bij dat besluit;
b. voor 1 juli aan het fonds een bestuursverklaring bij de gegevens, bedoeld in bijlage II bij dat besluit, en
c. voor 1 juli aan het fonds de gegevens, bedoeld in bijlage IV bij dat besluit, alsmede de mededeling, bedoeld in het tweede lid.
2. De toegelaten instelling verzoekt aan een daartoe als openbaar optredende accountant als bedoeld in artikel 27, eerste lid, van het Besluit beheer sociale-huursector, of aan een organisatie waarin zodanige accountants samenwerken, om overeenkomstig bijlage IIIbij dat besluit een mededeling op te stellen omtrent de gegevens, bedoeld in het eerste lid.
3. Het fonds bevestigt binnen vier weken de ontvangst van de krachtens het eerste lid gezonden bescheiden.
4. Indien een toegelaten instelling de bescheiden op 1 februari respectievelijk 1 juli van een jaar niet aan het fonds heeft doen toekomen, stelt het fonds onverwijld een termijn van ten hoogste vier weken binnen welke de bescheiden alsnog moeten worden verstrekt en doet daarvan mededeling aan die toegelaten instelling.
5. Indien de toegelaten instelling de bescheiden niet binnen de krachtens het vierde lid gestelde termijn verstrekt, kan het fonds bepalen, dat zij, totdat zij de bescheiden alsnog verstrekt, de door het fonds aangegeven rechtshandelingen slechts kan verrichten na zijn instemming.
a. voor 1 februari aan het fonds een bestuursverklaring bij de gegevens, bedoeld in bijlage I bij dat besluit;
b. voor 1 juli aan het fonds een bestuursverklaring bij de gegevens, bedoeld in bijlage II bij dat besluit, en
c. voor 1 juli aan het fonds de gegevens, bedoeld in bijlage IV bij dat besluit, alsmede de mededeling, bedoeld in het tweede lid.
2. De toegelaten instelling verzoekt aan een daartoe als openbaar optredende accountant als bedoeld in artikel 27, eerste lid, van het Besluit beheer sociale-huursector, of aan een organisatie waarin zodanige accountants samenwerken, om overeenkomstig bijlage IIIbij dat besluit een mededeling op te stellen omtrent de gegevens, bedoeld in het eerste lid.
3. Het fonds bevestigt binnen vier weken de ontvangst van de krachtens het eerste lid gezonden bescheiden.
4. Indien een toegelaten instelling de bescheiden op 1 februari respectievelijk 1 juli van een jaar niet aan het fonds heeft doen toekomen, stelt het fonds onverwijld een termijn van ten hoogste vier weken binnen welke de bescheiden alsnog moeten worden verstrekt en doet daarvan mededeling aan die toegelaten instelling.
5. Indien de toegelaten instelling de bescheiden niet binnen de krachtens het vierde lid gestelde termijn verstrekt, kan het fonds bepalen, dat zij, totdat zij de bescheiden alsnog verstrekt, de door het fonds aangegeven rechtshandelingen slechts kan verrichten na zijn instemming.