BWBR0004418
Geldig vanaf 2008-10-06
Artikel 10
Besluit Centraal Fonds voor de Volkshuisvesting
1. Het fonds bepaalt de hoogte van de bijdrage, bedoeld in artikel 71e, tweede lid, van de Woningwet, zodanig, dat het voor ten minste het kalenderjaar waarover deze verschuldigd is over voldoende financiële middelen beschikt om uitvoering te geven aan artikel 71a, eerste lid, van die wet, met dien verstande dat het bedrag, bedoeld in artikel 9, onderdeel a, en het bedrag, bedoeld in artikel 9, onderdeel b, niet meer is dan 5 procent, onderscheidenlijk 1 procent van de gerealiseerde jaarhuuropbrengst van de woongelegenheden, bedoeld in bijlage II bij het Besluit beheer sociale-huursector, als volgens genoemde bijlagevoor de bijdrageplichtige toegelaten instellingen gezamenlijk bepaald over het jaar voorafgaand aan het jaar waarover de bijdrage verschuldigd is.
2. Het fonds bepaalt de hoogte van de bijdrage aan de hand van de ingevolge artikel 30 van het Besluit beheer sociale-huursectoraan het fonds gezonden bescheiden. Het kan in plaats daarvan de hoogte van de bijdrage door schatting bepalen, uitsluitend indien het toepassing heeft gegeven aan artikel 5, vierde lid, of aan artikel 31, tweede lid, van het Besluit beheer sociale-huursectoren de betrokken toegelaten instelling de ontbrekende bescheiden niet binnen de krachtens het betrokken artikellid gestelde termijn heeft verstrekt. Het fonds kan aan de betrokken toegelaten instelling administratiekosten in rekening brengen die verbonden zijn aan het door schatting bepalen van de hoogte van de bijdrage.
2. Het fonds bepaalt de hoogte van de bijdrage aan de hand van de ingevolge artikel 30 van het Besluit beheer sociale-huursectoraan het fonds gezonden bescheiden. Het kan in plaats daarvan de hoogte van de bijdrage door schatting bepalen, uitsluitend indien het toepassing heeft gegeven aan artikel 5, vierde lid, of aan artikel 31, tweede lid, van het Besluit beheer sociale-huursectoren de betrokken toegelaten instelling de ontbrekende bescheiden niet binnen de krachtens het betrokken artikellid gestelde termijn heeft verstrekt. Het fonds kan aan de betrokken toegelaten instelling administratiekosten in rekening brengen die verbonden zijn aan het door schatting bepalen van de hoogte van de bijdrage.