BWBR0004371
Geldig vanaf 1988-08-05
Artikel 13
Regeling instelling en werkwijze provinciale commissies beheer landbouwgronden
1. Ten behoeve van het verrichten van de werkzaamheden als bedoeld in artikel 12, eerste lid, kunnen ten hoogste drie personen die in een gebied met betrekking waartoe deze werkzaamheden worden verricht woonachtig zijn, dan wel uit hoofde van hun functie op beroepsuitoefening bijzondere kennis van dit gebied hebben, aan deze werkzaamheden deelnemen.
2. In bijzondere gevallen kunnen gedeputeerde staten, gehoord de Commissie Beheer Landbouwgronden, op verzoek van de provinciale commissie het in het eerste lid genoemde aantal personen uitbreiden.
3. Voor elk van de in het eerste en tweede lid bedoelde personen kan een plaatsvervanger worden aangewezen.
4. Voor het adviserend lid van de provinciale commissie als bedoeld in artikel 2, derde lid, onder b, kan ten behoeve van een sub-commissie ingesteld op grond van artikel 12, eerste lid, een plaatsvervanger aangewezen worden.
5. Het hoofd beheer landbouwgronden vervult de functie van secretaris van een sub-commissie ingesteld op grond van artikel 12, eerste lid.
6. de regiodirecteur van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij vervult de functie van secretaris van een sub-commissie ingesteld op grond van artikel 12, tweede lid.
7. De in artikel 12, tweede lid, bedoelde werkzaamheden worden verricht door de leden, onderscheidenlijk hun plaatsvervangers en adviserende leden, als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder a tot en met c, h en derde lid, onder a, d, e en g.
2. In bijzondere gevallen kunnen gedeputeerde staten, gehoord de Commissie Beheer Landbouwgronden, op verzoek van de provinciale commissie het in het eerste lid genoemde aantal personen uitbreiden.
3. Voor elk van de in het eerste en tweede lid bedoelde personen kan een plaatsvervanger worden aangewezen.
4. Voor het adviserend lid van de provinciale commissie als bedoeld in artikel 2, derde lid, onder b, kan ten behoeve van een sub-commissie ingesteld op grond van artikel 12, eerste lid, een plaatsvervanger aangewezen worden.
5. Het hoofd beheer landbouwgronden vervult de functie van secretaris van een sub-commissie ingesteld op grond van artikel 12, eerste lid.
6. de regiodirecteur van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij vervult de functie van secretaris van een sub-commissie ingesteld op grond van artikel 12, tweede lid.
7. De in artikel 12, tweede lid, bedoelde werkzaamheden worden verricht door de leden, onderscheidenlijk hun plaatsvervangers en adviserende leden, als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder a tot en met c, h en derde lid, onder a, d, e en g.