BWBR0004237
Geldig vanaf 2003-11-12
Artikel 25d
Mediabesluit
1. Een aanvraag voor toestemming om een programma te verzorgen als bedoeld in artikel 68 van de Mediawet, wordt door de desbetreffende lokale omroepinstelling die zendtijd heeft verkregen, ingediend bij het Commissariaat voor de Media.
2. De aanvraag gaat vergezeld van:
a. een aanduiding of de aanvraag betrekking heeft op het verzorgen van een radio- of van een televisieprogramma, of van beide;
b. een exemplaar van de notarieel vastgelegde statuten van de instelling die het programma produceert, of, indien het niet een rechtspersoon betreft, een aanduiding van de instelling die het programma produceert; en
c. het advies van de Raad voor cultuur, bedoeld in artikel 68, tweede lid, onderdeel d, van de Mediawet.
3. Indien een lokale omroepinstelling die de in het eerste lid bedoelde toestemming heeft verkregen, in aanmerking wil komen voor toestemming in een aansluitende periode, dient zij daartoe ten minste vijf maanden vóór de afloop van de periode waarvoor haar toestemming is verleend, een aanvraag in. Het eerste en het tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing.
2. De aanvraag gaat vergezeld van:
a. een aanduiding of de aanvraag betrekking heeft op het verzorgen van een radio- of van een televisieprogramma, of van beide;
b. een exemplaar van de notarieel vastgelegde statuten van de instelling die het programma produceert, of, indien het niet een rechtspersoon betreft, een aanduiding van de instelling die het programma produceert; en
c. het advies van de Raad voor cultuur, bedoeld in artikel 68, tweede lid, onderdeel d, van de Mediawet.
3. Indien een lokale omroepinstelling die de in het eerste lid bedoelde toestemming heeft verkregen, in aanmerking wil komen voor toestemming in een aansluitende periode, dient zij daartoe ten minste vijf maanden vóór de afloop van de periode waarvoor haar toestemming is verleend, een aanvraag in. Het eerste en het tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing.