BWBR0004219
Geldig vanaf 1987-10-17
Artikel 3
Nachtvluchtenregeling Schiphol
1. Het bepaalde in artikel 2is niet van toepassing op vliegtuigen die in nood verkeren of ten behoeve van reddingsacties of hulpverlening zijn ingezet.
2. De minister van Verkeer en Waterstaat kan ontheffing verlenen van het bepaalde in lid 1, 2 en 3 van artikel 2:
a. indien sprake is van technische storingen het luchtvaartuig of de luchtvaarttechnische gronduitrusting betreffende of bijzondere meteorologische condities – hetzij op de luchthaven Schiphol of elders – die zonder ontheffing zouden leiden tot ernstige verstoring van de dienstregelmaat van het luchtverkeer;
b. in geval van vertragingen in de vluchtuitvoering als gevolg van uitzonderlijke en niet te voorziene congesties of stakingsakties het luchtverkeer betreffende;
c. in andere, zeer uitzonderlijke omstandigheden.
3. De havenmeester van de NV Luchthaven Schiphol wordt gemachtigd de in het tweede lid van dit artikel bedoelde ontheffing namens de minister van Verkeer en Waterstaat te verlenen. Hiervan wordt rapport opgemaakt en in afschrift naar de Rijksluchtvaartdienst gezonden.
2. De minister van Verkeer en Waterstaat kan ontheffing verlenen van het bepaalde in lid 1, 2 en 3 van artikel 2:
a. indien sprake is van technische storingen het luchtvaartuig of de luchtvaarttechnische gronduitrusting betreffende of bijzondere meteorologische condities – hetzij op de luchthaven Schiphol of elders – die zonder ontheffing zouden leiden tot ernstige verstoring van de dienstregelmaat van het luchtverkeer;
b. in geval van vertragingen in de vluchtuitvoering als gevolg van uitzonderlijke en niet te voorziene congesties of stakingsakties het luchtverkeer betreffende;
c. in andere, zeer uitzonderlijke omstandigheden.
3. De havenmeester van de NV Luchthaven Schiphol wordt gemachtigd de in het tweede lid van dit artikel bedoelde ontheffing namens de minister van Verkeer en Waterstaat te verlenen. Hiervan wordt rapport opgemaakt en in afschrift naar de Rijksluchtvaartdienst gezonden.