BWBR0004217
Geldig vanaf 1987-10-09
Artikel 4a
Regeling logboek en opgave zeevis 1987
1. Degene die de visserij uitoefent met een vissersvaartuig met een lengte over alles van meer dan 59 meter in de wateren van een derde land, met uitzondering van Noorwegen of IJsland, dat een ander logboek dan het logboek- tevens vangstopgaveformulier voorschrijft, is verplicht:
a. bij het binnenvaren van de wateren van dat derde land: 1e door middel van datatransmissie met behulp van de satellietvolgapparatuur als bedoeld in artikel 10 van de Regeling technische maatregelen 2000 of door verzending van een faxbericht aan de meldkamer van de AID te Kerkrade (045 – 5461011) voorafgaand aan het binnenvaren van die wateren melding te maken van: de lettertekens en het nummer van het vissersvaartuig;
de naam van de kapitein van het vissersvaartuig;
de geografische positie van het vissersvaartuig;
de wateren van welk derde land het vissersvaartuig gaat binnenvaren;
de datum en het tijdstip waarop het vissersvaartuig vermoedelijk die wateren zal binnenvaren en
de vangst aan boord, gespecificeerd naar soort; en
de lettertekens en het nummer van het vissersvaartuig;
de naam van de kapitein van het vissersvaartuig;
de geografische positie van het vissersvaartuig;
de wateren van welk derde land het vissersvaartuig gaat binnenvaren;
de datum en het tijdstip waarop het vissersvaartuig vermoedelijk die wateren zal binnenvaren en
de vangst aan boord, gespecificeerd naar soort; en
2e het logboek- tevens vangstopgaveformulier volledig in te vullen overeenkomstig artikel 4, waarbij wordt vermeld welke vangsten aan boord zijn en op welke datum en tijdstip de wateren van dat derde land zijn binnengevaren;
1e door middel van datatransmissie met behulp van de satellietvolgapparatuur als bedoeld in artikel 10 van de Regeling technische maatregelen 2000 of door verzending van een faxbericht aan de meldkamer van de AID te Kerkrade (045 – 5461011) voorafgaand aan het binnenvaren van die wateren melding te maken van: de lettertekens en het nummer van het vissersvaartuig;
de naam van de kapitein van het vissersvaartuig;
de geografische positie van het vissersvaartuig;
de wateren van welk derde land het vissersvaartuig gaat binnenvaren;
de datum en het tijdstip waarop het vissersvaartuig vermoedelijk die wateren zal binnenvaren en
de vangst aan boord, gespecificeerd naar soort; en
de lettertekens en het nummer van het vissersvaartuig;
de naam van de kapitein van het vissersvaartuig;
de geografische positie van het vissersvaartuig;
de wateren van welk derde land het vissersvaartuig gaat binnenvaren;
de datum en het tijdstip waarop het vissersvaartuig vermoedelijk die wateren zal binnenvaren en
de vangst aan boord, gespecificeerd naar soort; en
2e het logboek- tevens vangstopgaveformulier volledig in te vullen overeenkomstig artikel 4, waarbij wordt vermeld welke vangsten aan boord zijn en op welke datum en tijdstip de wateren van dat derde land zijn binnengevaren;
b. tijdens de visreis in de wateren van het derde land het aldaar voorgeschreven logboek overeenkomstig de wetgeving van dat land bij te houden;
c. in het geval van aanlanding van vis in een haven, binnen 48 uur na afloop van de lossing het roze exemplaar van het logboek- tevens vangstopgaveformulier, dat voldoet aan artikel 2, vijfde lid, en een exemplaar van het in het derde land voorgeschreven logboek af te geven of toe te zenden aan de bevoegde instanties van het land van aanvoer;
d. binnen 48 uur na afloop van lossing van vis in een haven het originele exemplaar van het logboek- tevens vangstopgaveformulier, dat voldoet aan artikel 2, vijfde lid, en een exemplaar van het in het derde land voorgeschreven logboek toe te zenden aan de AID, Kerkrade, Postbus 234, Postcode 6460 AE;
e. binnen 8 dagen na het tijdstip van aanlanding in een haven melding te maken van de aanlanding door middel van het inleveren van het blauwe exemplaar van het logboek- tevens vangstopgaveformulier, dat voldoet aan artikel 2, vijfde lid, en een ingevuld exemplaar van het in het derde land voorgeschreven logboek te zenden aan de AID, Kerkrade, Postbus 234, Postcode 6460 AE;
f. in geval van het verlaten van de wateren van het derde land: 1e voor het verlaten van die wateren door middel van datatransmissie met behulp van de satellietvolgapparatuur als bedoeld in artikel 10 van de Regeling technische maatregelen 2000 of door verzending van een faxbericht aan de meldkamer van de AID te Kerkrade (045 – 5461011) melding te maken van: de roepletters van het vissersvaartuig;
de naam van de kapitein van het vissersvaartuig;
de geografische positie van het vissersvaartuig;
de wateren van welk derde land het vissersvaartuig gaat verlaten;
de datum en het tijdstip waarop het vissersvaartuig vermoedelijk die wateren zal verlaten en
de vangst aan boord, gespecificeerd naar soort; en
de roepletters van het vissersvaartuig;
de naam van de kapitein van het vissersvaartuig;
de geografische positie van het vissersvaartuig;
de wateren van welk derde land het vissersvaartuig gaat verlaten;
de datum en het tijdstip waarop het vissersvaartuig vermoedelijk die wateren zal verlaten en
de vangst aan boord, gespecificeerd naar soort; en
2e het in het derde land voorgeschreven logboek volledig in te vullen, waarbij wordt vermeld welke vangsten aan boord zijn en op welke datum en tijdstip de wateren van dat derde land zijn verlaten.
1e voor het verlaten van die wateren door middel van datatransmissie met behulp van de satellietvolgapparatuur als bedoeld in artikel 10 van de Regeling technische maatregelen 2000 of door verzending van een faxbericht aan de meldkamer van de AID te Kerkrade (045 – 5461011) melding te maken van: de roepletters van het vissersvaartuig;
de naam van de kapitein van het vissersvaartuig;
de geografische positie van het vissersvaartuig;
de wateren van welk derde land het vissersvaartuig gaat verlaten;
de datum en het tijdstip waarop het vissersvaartuig vermoedelijk die wateren zal verlaten en
de vangst aan boord, gespecificeerd naar soort; en
de roepletters van het vissersvaartuig;
de naam van de kapitein van het vissersvaartuig;
de geografische positie van het vissersvaartuig;
de wateren van welk derde land het vissersvaartuig gaat verlaten;
de datum en het tijdstip waarop het vissersvaartuig vermoedelijk die wateren zal verlaten en
de vangst aan boord, gespecificeerd naar soort; en
2e het in het derde land voorgeschreven logboek volledig in te vullen, waarbij wordt vermeld welke vangsten aan boord zijn en op welke datum en tijdstip de wateren van dat derde land zijn verlaten.
2. Het eerste lid is van toepassing op een vissersvaartuig met een lengte over alles van meer dan 24 meter dat in het gebied, bedoeld in artikel 2, onderdeel a, van Verordening (EG) nr. 1936/2001van de Raad van de Europese Unie van 27 september 2001 tot vaststelling van technische maatregelen voor de instandhouding van bepaalde over grote afstanden trekkende visbestanden (PbEU L 263), vist op soorten genoemd in bijlage I van die verordening.
3. In afwijking van artikel 5, tweede lid, van Verordening (EEG) nr. 2807/83en in afwijking van artikel 4, vijfde lid, vermeldt de kapitein van een in het tweede lid bedoeld vaartuig in het logboek alle vangsten van de soorten, genoemd in bijlage I en II van de in het tweede lid genoemde verordening, voor zover deze gevangen zijn in het gebied, bedoeld in artikel 2, onderdeel a, van die verordening.
a. bij het binnenvaren van de wateren van dat derde land: 1e door middel van datatransmissie met behulp van de satellietvolgapparatuur als bedoeld in artikel 10 van de Regeling technische maatregelen 2000 of door verzending van een faxbericht aan de meldkamer van de AID te Kerkrade (045 – 5461011) voorafgaand aan het binnenvaren van die wateren melding te maken van: de lettertekens en het nummer van het vissersvaartuig;
de naam van de kapitein van het vissersvaartuig;
de geografische positie van het vissersvaartuig;
de wateren van welk derde land het vissersvaartuig gaat binnenvaren;
de datum en het tijdstip waarop het vissersvaartuig vermoedelijk die wateren zal binnenvaren en
de vangst aan boord, gespecificeerd naar soort; en
de lettertekens en het nummer van het vissersvaartuig;
de naam van de kapitein van het vissersvaartuig;
de geografische positie van het vissersvaartuig;
de wateren van welk derde land het vissersvaartuig gaat binnenvaren;
de datum en het tijdstip waarop het vissersvaartuig vermoedelijk die wateren zal binnenvaren en
de vangst aan boord, gespecificeerd naar soort; en
2e het logboek- tevens vangstopgaveformulier volledig in te vullen overeenkomstig artikel 4, waarbij wordt vermeld welke vangsten aan boord zijn en op welke datum en tijdstip de wateren van dat derde land zijn binnengevaren;
1e door middel van datatransmissie met behulp van de satellietvolgapparatuur als bedoeld in artikel 10 van de Regeling technische maatregelen 2000 of door verzending van een faxbericht aan de meldkamer van de AID te Kerkrade (045 – 5461011) voorafgaand aan het binnenvaren van die wateren melding te maken van: de lettertekens en het nummer van het vissersvaartuig;
de naam van de kapitein van het vissersvaartuig;
de geografische positie van het vissersvaartuig;
de wateren van welk derde land het vissersvaartuig gaat binnenvaren;
de datum en het tijdstip waarop het vissersvaartuig vermoedelijk die wateren zal binnenvaren en
de vangst aan boord, gespecificeerd naar soort; en
de lettertekens en het nummer van het vissersvaartuig;
de naam van de kapitein van het vissersvaartuig;
de geografische positie van het vissersvaartuig;
de wateren van welk derde land het vissersvaartuig gaat binnenvaren;
de datum en het tijdstip waarop het vissersvaartuig vermoedelijk die wateren zal binnenvaren en
de vangst aan boord, gespecificeerd naar soort; en
2e het logboek- tevens vangstopgaveformulier volledig in te vullen overeenkomstig artikel 4, waarbij wordt vermeld welke vangsten aan boord zijn en op welke datum en tijdstip de wateren van dat derde land zijn binnengevaren;
b. tijdens de visreis in de wateren van het derde land het aldaar voorgeschreven logboek overeenkomstig de wetgeving van dat land bij te houden;
c. in het geval van aanlanding van vis in een haven, binnen 48 uur na afloop van de lossing het roze exemplaar van het logboek- tevens vangstopgaveformulier, dat voldoet aan artikel 2, vijfde lid, en een exemplaar van het in het derde land voorgeschreven logboek af te geven of toe te zenden aan de bevoegde instanties van het land van aanvoer;
d. binnen 48 uur na afloop van lossing van vis in een haven het originele exemplaar van het logboek- tevens vangstopgaveformulier, dat voldoet aan artikel 2, vijfde lid, en een exemplaar van het in het derde land voorgeschreven logboek toe te zenden aan de AID, Kerkrade, Postbus 234, Postcode 6460 AE;
e. binnen 8 dagen na het tijdstip van aanlanding in een haven melding te maken van de aanlanding door middel van het inleveren van het blauwe exemplaar van het logboek- tevens vangstopgaveformulier, dat voldoet aan artikel 2, vijfde lid, en een ingevuld exemplaar van het in het derde land voorgeschreven logboek te zenden aan de AID, Kerkrade, Postbus 234, Postcode 6460 AE;
f. in geval van het verlaten van de wateren van het derde land: 1e voor het verlaten van die wateren door middel van datatransmissie met behulp van de satellietvolgapparatuur als bedoeld in artikel 10 van de Regeling technische maatregelen 2000 of door verzending van een faxbericht aan de meldkamer van de AID te Kerkrade (045 – 5461011) melding te maken van: de roepletters van het vissersvaartuig;
de naam van de kapitein van het vissersvaartuig;
de geografische positie van het vissersvaartuig;
de wateren van welk derde land het vissersvaartuig gaat verlaten;
de datum en het tijdstip waarop het vissersvaartuig vermoedelijk die wateren zal verlaten en
de vangst aan boord, gespecificeerd naar soort; en
de roepletters van het vissersvaartuig;
de naam van de kapitein van het vissersvaartuig;
de geografische positie van het vissersvaartuig;
de wateren van welk derde land het vissersvaartuig gaat verlaten;
de datum en het tijdstip waarop het vissersvaartuig vermoedelijk die wateren zal verlaten en
de vangst aan boord, gespecificeerd naar soort; en
2e het in het derde land voorgeschreven logboek volledig in te vullen, waarbij wordt vermeld welke vangsten aan boord zijn en op welke datum en tijdstip de wateren van dat derde land zijn verlaten.
1e voor het verlaten van die wateren door middel van datatransmissie met behulp van de satellietvolgapparatuur als bedoeld in artikel 10 van de Regeling technische maatregelen 2000 of door verzending van een faxbericht aan de meldkamer van de AID te Kerkrade (045 – 5461011) melding te maken van: de roepletters van het vissersvaartuig;
de naam van de kapitein van het vissersvaartuig;
de geografische positie van het vissersvaartuig;
de wateren van welk derde land het vissersvaartuig gaat verlaten;
de datum en het tijdstip waarop het vissersvaartuig vermoedelijk die wateren zal verlaten en
de vangst aan boord, gespecificeerd naar soort; en
de roepletters van het vissersvaartuig;
de naam van de kapitein van het vissersvaartuig;
de geografische positie van het vissersvaartuig;
de wateren van welk derde land het vissersvaartuig gaat verlaten;
de datum en het tijdstip waarop het vissersvaartuig vermoedelijk die wateren zal verlaten en
de vangst aan boord, gespecificeerd naar soort; en
2e het in het derde land voorgeschreven logboek volledig in te vullen, waarbij wordt vermeld welke vangsten aan boord zijn en op welke datum en tijdstip de wateren van dat derde land zijn verlaten.
2. Het eerste lid is van toepassing op een vissersvaartuig met een lengte over alles van meer dan 24 meter dat in het gebied, bedoeld in artikel 2, onderdeel a, van Verordening (EG) nr. 1936/2001van de Raad van de Europese Unie van 27 september 2001 tot vaststelling van technische maatregelen voor de instandhouding van bepaalde over grote afstanden trekkende visbestanden (PbEU L 263), vist op soorten genoemd in bijlage I van die verordening.
3. In afwijking van artikel 5, tweede lid, van Verordening (EEG) nr. 2807/83en in afwijking van artikel 4, vijfde lid, vermeldt de kapitein van een in het tweede lid bedoeld vaartuig in het logboek alle vangsten van de soorten, genoemd in bijlage I en II van de in het tweede lid genoemde verordening, voor zover deze gevangen zijn in het gebied, bedoeld in artikel 2, onderdeel a, van die verordening.