BWBR0004030
Geldig vanaf 1987-01-01
Artikel 2
Regeling Bureau Milieugevaarlijke Stoffen
1. Er is een Bureau Milieugevaarlijke Stoffen, hierna te noemen: het bureau. Het bureau is gevestigd bij het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne (Postbus 1, 3720 BA Bilthoven).
2. Het bureau ressorteert onder het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne en de directie Arbeidsomstandigheden van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid gezamenlijk.
3. Het bureau is samengesteld uit:
a. medewerkers die zijn aangesteld bij het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne;
b. medewerkers die zijn aangesteld bij de directie Arbeidsomstandigheden.
4. De directeur-generaal van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne stelt, na overleg met de directeur, een van de in het derde lid, onder a, bedoelde medewerkers aan als coördinator bestaande stoffen (RIVM). Voorts stelt hij, eveneens na overleg met de directeur, een van die medewerkers aan als plaatsvervangend coördinator bestaande stoffen (RIVM). Hij voorziet, na overleg met de directeur, tevens in vervanging bij afwezigheid van de coördinator (RIVM) en de plaatsvervangend coördinator bestaande stoffen (RIVM).
5. De directeur van de directie Arbeidsomstandigheden stelt een van de in het derde lid, onder b, genoemde medewerkers aan als coördinator (SZW). Hij voorziet tevens in vervanging bij diens aanwezigheid.
2. Het bureau ressorteert onder het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne en de directie Arbeidsomstandigheden van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid gezamenlijk.
3. Het bureau is samengesteld uit:
a. medewerkers die zijn aangesteld bij het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne;
b. medewerkers die zijn aangesteld bij de directie Arbeidsomstandigheden.
4. De directeur-generaal van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne stelt, na overleg met de directeur, een van de in het derde lid, onder a, bedoelde medewerkers aan als coördinator bestaande stoffen (RIVM). Voorts stelt hij, eveneens na overleg met de directeur, een van die medewerkers aan als plaatsvervangend coördinator bestaande stoffen (RIVM). Hij voorziet, na overleg met de directeur, tevens in vervanging bij afwezigheid van de coördinator (RIVM) en de plaatsvervangend coördinator bestaande stoffen (RIVM).
5. De directeur van de directie Arbeidsomstandigheden stelt een van de in het derde lid, onder b, genoemde medewerkers aan als coördinator (SZW). Hij voorziet tevens in vervanging bij diens aanwezigheid.