BWBR0003889
Geldig vanaf 1998-01-01
Artikel 38
Besluit op de ruimtelijke ordening 1985
1. De provinciale planologische commissies worden zodanig samengesteld, dat de verschillende aspecten die bij de ruimtelijke ordening zijn betrokken, daarin tot hun recht komen.
2. In de provinciale planologische commissies hebben in elk geval zitting de hoofdingenieur-directeur van de Rijkswaterstaat in de provincie, de inspecteur, de eerstaanwezend ingenieur directeur van de betrokken directie van de Dienst Gebouwen, Werken en Terreinen van het departement van Defensie, het regiohoofd van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg, de regio-coördinator van de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek, het hoofd van de betrokken regio van het ministerie van Economische Zaken, de betrokken regiodirecteur van het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij en de regionaal-directeur voor de arbeidsvoorziening.
2. In de provinciale planologische commissies hebben in elk geval zitting de hoofdingenieur-directeur van de Rijkswaterstaat in de provincie, de inspecteur, de eerstaanwezend ingenieur directeur van de betrokken directie van de Dienst Gebouwen, Werken en Terreinen van het departement van Defensie, het regiohoofd van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg, de regio-coördinator van de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek, het hoofd van de betrokken regio van het ministerie van Economische Zaken, de betrokken regiodirecteur van het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij en de regionaal-directeur voor de arbeidsvoorziening.