BWBR0003816
Geldig vanaf 1985-07-05
Artikel 47
Wet instelling provincie Flevoland
1. De ambtenaar in vaste of in tijdelijke dienst, mits dit laatste dienstverband ten minste vijf jaren heeft geduurd en de aanstelling niet is geschied in een betrekking van kennelijk tijdelijke aard, die ten gevolge van het bepaalde in artikel 44is ontslagen, heeft ten laste van Hoofdstuk VII van de rijksbegroting recht op wachtgeld volgens de regelen, vastgesteld bij de algemene maatregel van bestuur van 23 november 1972, Stb.671, onverminderd het bepaalde in artikel 4 van die algemene maatregel.
2. De ambtenaar in tijdelijke dienst wiens dienstverband minder dan vijf jaren heeft geduurd dan wel van kennelijk tijdelijke aard was, alsmede de werknemer in dienst op arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht, die ten gevolge van het bepaalde in artikel 44is ontslagen, onderscheidenlijk wiens dienstverband dientengevolge wordt beëindigd, heeft ten laste van hoofdstuk VII van de rijksbegroting recht op een uitkering volgens de regelen, vastgesteld bij de algemene maatregel van bestuur van 23 november 1972, Stb.672, onverminderd het bepaalde in de artikelen 2 en 6 van die algemene maatregel.
2. De ambtenaar in tijdelijke dienst wiens dienstverband minder dan vijf jaren heeft geduurd dan wel van kennelijk tijdelijke aard was, alsmede de werknemer in dienst op arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht, die ten gevolge van het bepaalde in artikel 44is ontslagen, onderscheidenlijk wiens dienstverband dientengevolge wordt beëindigd, heeft ten laste van hoofdstuk VII van de rijksbegroting recht op een uitkering volgens de regelen, vastgesteld bij de algemene maatregel van bestuur van 23 november 1972, Stb.672, onverminderd het bepaalde in de artikelen 2 en 6 van die algemene maatregel.