BWBR0003718
Geldig vanaf 1984-11-08
Artikel 53
Wet algemene regels herindeling
1. De op de dag, voorafgaande aan de datum van herindeling, zitting hebbende leden van de raad van een gemeente waarvoor een verkiezing als bedoeld in artikel 52wordt gehouden, treden met ingang van die datum af.
2. Indien op de datum van herindeling niet de goedkeuring van de geloofsbrieven van meer dan de helft van de leden van de raad onherroepelijk is geworden, aanvaarden de leden van de raad hun ambt niet, totdat zulks het geval is. Gedurende deze tijd hebben de leden van de raad en de wethouders van de gemeente die ingevolge artikel 52, tweede volzin, met de voorbereiding van de tussentijdse raadsverkiezing is belast zitting als leden van de raad onderscheidenlijk als wethouders. De raad en het college van burgemeester en wethouders nemen gedurende deze tijd slechts besluiten welke geen uitstel kunnen lijden.
2. Indien op de datum van herindeling niet de goedkeuring van de geloofsbrieven van meer dan de helft van de leden van de raad onherroepelijk is geworden, aanvaarden de leden van de raad hun ambt niet, totdat zulks het geval is. Gedurende deze tijd hebben de leden van de raad en de wethouders van de gemeente die ingevolge artikel 52, tweede volzin, met de voorbereiding van de tussentijdse raadsverkiezing is belast zitting als leden van de raad onderscheidenlijk als wethouders. De raad en het college van burgemeester en wethouders nemen gedurende deze tijd slechts besluiten welke geen uitstel kunnen lijden.