BWBR0003611
Geldig vanaf 1981-05-01
Artikel 5
Besluit bijzondere verkrijging voorlopig diploma als scheepswerktuigkundige
1. De kandidaat richt zich bij de uitvoering van de in het praktijkboek vervatte opdrachten naar de door of vanwege de kapitein gegeven aanwijzingen.
2. Na uitvoering van de opdrachten dient het praktijkboek door de kapitein te worden ondertekend. De kandidaat zendt het ondertekende praktijkboek aan de voorzitter van de Commissie.
3. Indien de voorzitter van de Commissie van oordeel is, dat het praktijkboek niet in alle opzichten naar behoren is bijgehouden, kan hij de kandidaat een of meer aanvullende opdrachten geven, die binnen een daarbij te bepalen termijn van ten hoogste zes maanden dienen te worden uitgevoerd. Het bepaalde in het eerste en tweede lid is van overeenkomstige toepassing.
4. Zo spoedig mogelijk na ontvangst van het praktijkboek wordt de kandidaat meegedeeld of het is goedgekeurd. Indien het praktijkboek niet is goedgekeurd worden de kandidaat daarbij tevens de aanvullende opdrachten meegedeeld en de termijn waarbinnen hij deze dient uit te voeren.
2. Na uitvoering van de opdrachten dient het praktijkboek door de kapitein te worden ondertekend. De kandidaat zendt het ondertekende praktijkboek aan de voorzitter van de Commissie.
3. Indien de voorzitter van de Commissie van oordeel is, dat het praktijkboek niet in alle opzichten naar behoren is bijgehouden, kan hij de kandidaat een of meer aanvullende opdrachten geven, die binnen een daarbij te bepalen termijn van ten hoogste zes maanden dienen te worden uitgevoerd. Het bepaalde in het eerste en tweede lid is van overeenkomstige toepassing.
4. Zo spoedig mogelijk na ontvangst van het praktijkboek wordt de kandidaat meegedeeld of het is goedgekeurd. Indien het praktijkboek niet is goedgekeurd worden de kandidaat daarbij tevens de aanvullende opdrachten meegedeeld en de termijn waarbinnen hij deze dient uit te voeren.