BWBR0003610
Geldig vanaf 1983-08-16
Artikel 3
Vaststelling leeftijdsgrens deeltijd kort-m.b.o.
1. In afwijking van het bepaalde in artikel 1kunnen deelnemers, onder voorwaarden genoemd in het tweede lid, een tweejarig programma voltooien, indien zij bij de aanvang van het eerste cursusjaar van het programma de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt;
2. De in het eerste lid bedoelde deelnemers kunnen uitsluitend tot het tweede cursusjaar worden toegelaten, indien:
a. het eerste cursusjaar van het programma tevens het eerste jaar is, waarop de deelnemers aan het vormingswerk binnen het deeltijd-k.m.b.o. deelnemen;
b. het instituut voor deeltijd-k.m.b.o. kan aantonen dat bij de aanvang van het eerste cursusjaar van het tweejarig vormingsprogramma was aangegeven dat het educatief doel van het programma eerst in het tweede cursusjaar kon worden bereikt;
c. het instituut voor deeltijd-k.m.b.o. aantoont dat, indien het programma schakelt naar een andere onderwijsinstelling of naar een scholingsprogramma in het kader van de arbeidsvoorziening, met de betrokken instelling overleg heeft plaatsgevonden over de afstemming;
d. het instituut voor deeltijd-k.m.b.o. het onder b genoemde tweejarig vormingsprogramma heeft aangemeld bij het regionaal educatief beraad bedoeld in de Rijksregeling basiseducatie (Stb. 1986, 433) van de woonplaats van de betrokken deelnemers.
2. De in het eerste lid bedoelde deelnemers kunnen uitsluitend tot het tweede cursusjaar worden toegelaten, indien:
a. het eerste cursusjaar van het programma tevens het eerste jaar is, waarop de deelnemers aan het vormingswerk binnen het deeltijd-k.m.b.o. deelnemen;
b. het instituut voor deeltijd-k.m.b.o. kan aantonen dat bij de aanvang van het eerste cursusjaar van het tweejarig vormingsprogramma was aangegeven dat het educatief doel van het programma eerst in het tweede cursusjaar kon worden bereikt;
c. het instituut voor deeltijd-k.m.b.o. aantoont dat, indien het programma schakelt naar een andere onderwijsinstelling of naar een scholingsprogramma in het kader van de arbeidsvoorziening, met de betrokken instelling overleg heeft plaatsgevonden over de afstemming;
d. het instituut voor deeltijd-k.m.b.o. het onder b genoemde tweejarig vormingsprogramma heeft aangemeld bij het regionaal educatief beraad bedoeld in de Rijksregeling basiseducatie (Stb. 1986, 433) van de woonplaats van de betrokken deelnemers.