BWBR0003267
Geldig vanaf 1980-10-01
Artikel 4
Verpakkingen- en gebruiksartikelenbesluit (Warenwet)
1. De in artikel 3, eerste en tweede lid, bedoelde aanduidingen moeten goed zichtbaar, duidelijk leesbaar en onuitwisbaar zijn aangebracht
- hetzij op de verpakking of het gebruiksartikel,
- hetzij op een op de verpakking of het gebruiksartikel aangebracht etiket,
- hetzij, ingeval zij zijn verpakt, op het voorwerp waarin zij zijn verpakt dan wel op een daarop aangebracht etiket.
2. Indien verpakkingen of gebruiksartikelen kennelijk bestemd zijn om aan particulieren te worden afgeleverd, mag het aanbrengen, bedoeld in het eerste lid, geschieden op een bord dat duidelijk zichtbaar is voor de koper en dat zich bevindt in de onmiddellijke nabijheid van de verpakking onderscheidenlijk het gebruiksartikel;
de aanduiding, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder b, mag alleen op deze wijze worden aangegeven, indien om technische redenen de aanduiding op de verpakking, het gebruiksartikel of het etiket niet kan worden aangebracht.
3. Indien verpakkingen of gebruiksartikelen kennelijk bestemd zijn om aan anderen dan particulieren te worden afgeleverd, mag het aanbrengen, bedoeld in het eerste lid, geschieden op de begeleidende bescheiden.
- hetzij op de verpakking of het gebruiksartikel,
- hetzij op een op de verpakking of het gebruiksartikel aangebracht etiket,
- hetzij, ingeval zij zijn verpakt, op het voorwerp waarin zij zijn verpakt dan wel op een daarop aangebracht etiket.
2. Indien verpakkingen of gebruiksartikelen kennelijk bestemd zijn om aan particulieren te worden afgeleverd, mag het aanbrengen, bedoeld in het eerste lid, geschieden op een bord dat duidelijk zichtbaar is voor de koper en dat zich bevindt in de onmiddellijke nabijheid van de verpakking onderscheidenlijk het gebruiksartikel;
de aanduiding, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder b, mag alleen op deze wijze worden aangegeven, indien om technische redenen de aanduiding op de verpakking, het gebruiksartikel of het etiket niet kan worden aangebracht.
3. Indien verpakkingen of gebruiksartikelen kennelijk bestemd zijn om aan anderen dan particulieren te worden afgeleverd, mag het aanbrengen, bedoeld in het eerste lid, geschieden op de begeleidende bescheiden.