BWBR0003252
Geldig vanaf 1980-01-01
Artikel 14
Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet
1. De betrokkene wordt, onverminderd het bepaalde in artikel 13, binnen een termijn van ten hoogste acht weken, nadat de zaak bij het tuchtgerecht aanhangig is gemaakt, bij aangetekende brief opgeroepen om op door de voorzitter te bepalen dag en uur ter zitting te verschijnen. De oproeping wordt ten minste twee weken voor de dag der zitting aan hem toegezonden en vermeldt de plaats van de zitting.
2. De oproeping gaat vergezeld van een afschrift van de in artikel 11bedoelde verklaring en van alle op de zaak betrekking hebbende stukken.
3. De oproeping houdt in:
a. indien getuigen en deskundigen ter zitting zijn opgeroepen, de namen, het beroep en de woonplaats van deze personen;
b. de mededeling, dat de betrokkene bevoegd is getuigen en deskundigen ter zitting mede te brengen.
4. Degene, die de zaak aanhangig heeft gemaakt, wordt eveneens ter zitting opgeroepen.
2. De oproeping gaat vergezeld van een afschrift van de in artikel 11bedoelde verklaring en van alle op de zaak betrekking hebbende stukken.
3. De oproeping houdt in:
a. indien getuigen en deskundigen ter zitting zijn opgeroepen, de namen, het beroep en de woonplaats van deze personen;
b. de mededeling, dat de betrokkene bevoegd is getuigen en deskundigen ter zitting mede te brengen.
4. Degene, die de zaak aanhangig heeft gemaakt, wordt eveneens ter zitting opgeroepen.