BWBR0003220
Geldig vanaf 1979-02-07
Artikel 38
Instructie voor de herinrichtingscommissie
1. Ter verwezenlijking van de taakstelling, bedoeld in het herinrichtingsplan ingevolge artikel 16 van de wet worden door het bureau beheer landbouwgronden, bedoeld in artikel 28 van de Wet agrarisch grondverkeer(Stb. 1981, 248), hierna te noemen het bureau, gronden verworven op basis van een na overleg met de commissie vastgesteld aankoopbeleid. Over de resultaten wordt periodiek door het bureau schriftelijk verslag gedaan aan de commissie, die in de gelegenheid wordt gesteld het gevoerde beleid ter discussie te stellen.
2. Het bureau voert in de blokken waar op grond van het herinrichtingsplan herverkaveling zal plaatsvinden het materieel beheer gedurende het tijdvak dat begint op de datum van verwerving van het land en eindigt met ingang van het kalenderjaar volgende op het jaar waarin het plan van toedeling van het betreffende blok ter visie is gelegd als bedoeld in artikel 83, tweede lid, van de wet.
3. In afwijking van het bepaalde in het tweede lid voert:
a. het bureau het materieel beheer tot aan de datum waarop de akte van toedeling, bedoeld in artikel 95 van de wet, van het betreffende blok in de openbare registers wordt overgeschreven ten aanzien van land en de daarop aanwezige opstellen: welke worden aangewend voor niet agrarisch gebruik, voor zover niet opgenomen in het herinrichtingsplan;
welke gelegen zijn binnen als zodanig aangewezen reservaatsgebieden;
welke worden aangewend voor uitgifte in erfpacht;
welke worden aangewend voor niet agrarisch gebruik, voor zover niet opgenomen in het herinrichtingsplan;
welke gelegen zijn binnen als zodanig aangewezen reservaatsgebieden;
welke worden aangewend voor uitgifte in erfpacht;
b. de commissie gedurende het tijdvak, dat begint met het kalenderjaar volgende op het jaar waarin provinciale staten het herinrichtingsplan of een gedeelte hiervan hebben vastgesteld als bedoeld in artikel 20 van de wet en eindigt op de datum bedoeld in het vierde lid, het materieel beheer ten aanzien van land dat per kalenderjaar aangewend wordt voor: uitvoering van werken;
tijdelijke compensatie van grondgebruikers op wier grond werken worden uitgevoerd;
blijvende compensatie van grondgebruikers op wier grond werken zijn uitgevoerd als gevolg waarvan het gebruik niet meer mogelijk is;
oplossing van incidentele problemen bij de uitvoering welke geen verband behoeven te hebben met de uitvoering van de werken.
uitvoering van werken;
tijdelijke compensatie van grondgebruikers op wier grond werken worden uitgevoerd;
blijvende compensatie van grondgebruikers op wier grond werken zijn uitgevoerd als gevolg waarvan het gebruik niet meer mogelijk is;
oplossing van incidentele problemen bij de uitvoering welke geen verband behoeven te hebben met de uitvoering van de werken.
4. Onverminderd het bepaalde in het derde lid voert de commissie het materieel beheer van de grond, die ter realisering van de taakstelling wordt aangewend, gedurende het tijdvak dat begint met het kalenderjaar volgende op het jaar waarin het plan van toedeling van het betreffende blok ter visie is gelegd en eindigt op de datum waarop de akte van toedeling in de openbare registers wordt overgeschreven.
5. a. Het bureau voert in die delen van het herinrichtingsgebied, waar op grond van het herinrichtingsplan geen herverkaveling zal plaatsvinden, het materieel beheer zolang het bureau de grond in eigendom of pacht heeft.
b. het bepaalde in het derde lid, onderdeel b, is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat het daar bedoelde beheer eindigt op de datum waarop de akte van toedeling van het laatste blok van het betreffende deelgebied in de openbare registers wordt overgeschreven.
6. Het beheer dient zodanig te worden gevoerd dat:
a. het land niet met persoonlijke of zakelijke rechten wordt belast die een zo spoedig mogelijke vervreemding ten behoeve van de gewenste bestemming kunnen bemoeilijken of vertragen;
b. wordt zorggedragen voor een regelmatige wisseling van degenen aan wie het land in gebruik wordt gegeven.
7. Voor ingebruikneming van land in materieel beheer bij het bureau kunnen gegadigden zich door middel van een inschrijving bij het bureau melden.
8. Bij het in gebruik geven van het land wordt een vergoeding gevraagd ter grootte van de hoogst toelaatbare pachtprijs.
9. Met betrekking tot het land dat de commissie in materieel beheer heeft:
a. betaalt zij aan het bureau een vergoeding ter grootte van de hoogst toelaatbare pachtprijs;
b. brengt zij voor het gebruik door derden maximaal een bedrag in rekening ter grootte van de hoogst toelaatbare pachtprijs;
c. legt zij jaarlijks verantwoording af aan het bureau.
10. De uit het materieel beheer voortvloeiende afwikkeling van de financiële gevolgen en de daarbij behorende administratie wordt door het bureau verricht, vanaf de datum van verwerving van het land tot aan de datum waarop de akte van toedeling in de openbare registers wordt overgeschreven dan wel in geval de grond van het bureau, bedoeld in het vijfde lid, onderdeel a, vervreemd wordt.
11. In afwijking van het bepaalde in het vorige lid voert de commissie de administratie over het haar in materieel beheer gegeven land, bedoeld het derde lid, onderdeel b, het vierde lid en het vijfde lid, onderdeel b.
2. Het bureau voert in de blokken waar op grond van het herinrichtingsplan herverkaveling zal plaatsvinden het materieel beheer gedurende het tijdvak dat begint op de datum van verwerving van het land en eindigt met ingang van het kalenderjaar volgende op het jaar waarin het plan van toedeling van het betreffende blok ter visie is gelegd als bedoeld in artikel 83, tweede lid, van de wet.
3. In afwijking van het bepaalde in het tweede lid voert:
a. het bureau het materieel beheer tot aan de datum waarop de akte van toedeling, bedoeld in artikel 95 van de wet, van het betreffende blok in de openbare registers wordt overgeschreven ten aanzien van land en de daarop aanwezige opstellen: welke worden aangewend voor niet agrarisch gebruik, voor zover niet opgenomen in het herinrichtingsplan;
welke gelegen zijn binnen als zodanig aangewezen reservaatsgebieden;
welke worden aangewend voor uitgifte in erfpacht;
welke worden aangewend voor niet agrarisch gebruik, voor zover niet opgenomen in het herinrichtingsplan;
welke gelegen zijn binnen als zodanig aangewezen reservaatsgebieden;
welke worden aangewend voor uitgifte in erfpacht;
b. de commissie gedurende het tijdvak, dat begint met het kalenderjaar volgende op het jaar waarin provinciale staten het herinrichtingsplan of een gedeelte hiervan hebben vastgesteld als bedoeld in artikel 20 van de wet en eindigt op de datum bedoeld in het vierde lid, het materieel beheer ten aanzien van land dat per kalenderjaar aangewend wordt voor: uitvoering van werken;
tijdelijke compensatie van grondgebruikers op wier grond werken worden uitgevoerd;
blijvende compensatie van grondgebruikers op wier grond werken zijn uitgevoerd als gevolg waarvan het gebruik niet meer mogelijk is;
oplossing van incidentele problemen bij de uitvoering welke geen verband behoeven te hebben met de uitvoering van de werken.
uitvoering van werken;
tijdelijke compensatie van grondgebruikers op wier grond werken worden uitgevoerd;
blijvende compensatie van grondgebruikers op wier grond werken zijn uitgevoerd als gevolg waarvan het gebruik niet meer mogelijk is;
oplossing van incidentele problemen bij de uitvoering welke geen verband behoeven te hebben met de uitvoering van de werken.
4. Onverminderd het bepaalde in het derde lid voert de commissie het materieel beheer van de grond, die ter realisering van de taakstelling wordt aangewend, gedurende het tijdvak dat begint met het kalenderjaar volgende op het jaar waarin het plan van toedeling van het betreffende blok ter visie is gelegd en eindigt op de datum waarop de akte van toedeling in de openbare registers wordt overgeschreven.
5. a. Het bureau voert in die delen van het herinrichtingsgebied, waar op grond van het herinrichtingsplan geen herverkaveling zal plaatsvinden, het materieel beheer zolang het bureau de grond in eigendom of pacht heeft.
b. het bepaalde in het derde lid, onderdeel b, is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat het daar bedoelde beheer eindigt op de datum waarop de akte van toedeling van het laatste blok van het betreffende deelgebied in de openbare registers wordt overgeschreven.
6. Het beheer dient zodanig te worden gevoerd dat:
a. het land niet met persoonlijke of zakelijke rechten wordt belast die een zo spoedig mogelijke vervreemding ten behoeve van de gewenste bestemming kunnen bemoeilijken of vertragen;
b. wordt zorggedragen voor een regelmatige wisseling van degenen aan wie het land in gebruik wordt gegeven.
7. Voor ingebruikneming van land in materieel beheer bij het bureau kunnen gegadigden zich door middel van een inschrijving bij het bureau melden.
8. Bij het in gebruik geven van het land wordt een vergoeding gevraagd ter grootte van de hoogst toelaatbare pachtprijs.
9. Met betrekking tot het land dat de commissie in materieel beheer heeft:
a. betaalt zij aan het bureau een vergoeding ter grootte van de hoogst toelaatbare pachtprijs;
b. brengt zij voor het gebruik door derden maximaal een bedrag in rekening ter grootte van de hoogst toelaatbare pachtprijs;
c. legt zij jaarlijks verantwoording af aan het bureau.
10. De uit het materieel beheer voortvloeiende afwikkeling van de financiële gevolgen en de daarbij behorende administratie wordt door het bureau verricht, vanaf de datum van verwerving van het land tot aan de datum waarop de akte van toedeling in de openbare registers wordt overgeschreven dan wel in geval de grond van het bureau, bedoeld in het vijfde lid, onderdeel a, vervreemd wordt.
11. In afwijking van het bepaalde in het vorige lid voert de commissie de administratie over het haar in materieel beheer gegeven land, bedoeld het derde lid, onderdeel b, het vierde lid en het vijfde lid, onderdeel b.