BWBR0003204
Geldig vanaf 1979-04-01
Artikel 4
Honingbesluit (Warenwet)
1. De in dit besluit bedoelde waren, met uitzondering van bakkershoning of industriehoning, moeten voldoen aan de volgende eisen:
a. de waar moet een normale geur en smaak hebben;
b. de waar mag geen begin van gisting vertonen, noch in gisting zijn;
c. de waar moet zoveel mogelijk vrij zijn van organische of anorganische vreemde bestanddelen, zoals bijvoorbeeld schimmels, insekten of delen van insekten, larven of delen van larven, broed en zandkorrels;
d. de waar mag niet op zodanige wijze verwarmd zijn dat de natuurlijke enzymen zijn vernietigd of in aanzienlijke mate onwerkzaam zijn gemaakt;
e. de waar mag geen kunstmatig gewijzigd zuurgehalte hebben;
f. de waar mag in geen geval stoffen van welke aard ook in een zodanige hoeveelheid bevatten, dat zij een gevaar voor de volksgezondheid kunnen vormen.
2. Bakkershoning of industriehoning moet voldoen aan de volgende eisen:
a. de waar moet zoveel mogelijk vrij zijn van organische of anorganische vreemde bestanddelen, zoals bijvoorbeeld schimmels, insekten of delen van insekten, larven of delen van larven, broed en zandkorrels;
b. de waar mag geen kunstmatig gewijzigd zuurgehalte hebben;
c. de waar mag in geen geval stoffen van welke aard ook in een zodanige hoeveelheid bevatten, dat zij een gevaar voor de volksgezondheid kunnen vormen.
a. de waar moet een normale geur en smaak hebben;
b. de waar mag geen begin van gisting vertonen, noch in gisting zijn;
c. de waar moet zoveel mogelijk vrij zijn van organische of anorganische vreemde bestanddelen, zoals bijvoorbeeld schimmels, insekten of delen van insekten, larven of delen van larven, broed en zandkorrels;
d. de waar mag niet op zodanige wijze verwarmd zijn dat de natuurlijke enzymen zijn vernietigd of in aanzienlijke mate onwerkzaam zijn gemaakt;
e. de waar mag geen kunstmatig gewijzigd zuurgehalte hebben;
f. de waar mag in geen geval stoffen van welke aard ook in een zodanige hoeveelheid bevatten, dat zij een gevaar voor de volksgezondheid kunnen vormen.
2. Bakkershoning of industriehoning moet voldoen aan de volgende eisen:
a. de waar moet zoveel mogelijk vrij zijn van organische of anorganische vreemde bestanddelen, zoals bijvoorbeeld schimmels, insekten of delen van insekten, larven of delen van larven, broed en zandkorrels;
b. de waar mag geen kunstmatig gewijzigd zuurgehalte hebben;
c. de waar mag in geen geval stoffen van welke aard ook in een zodanige hoeveelheid bevatten, dat zij een gevaar voor de volksgezondheid kunnen vormen.