BWBR0003131
Geldig vanaf 1977-09-24
Artikel 4
Regeling inrichting rassenlijst bosbouwgewassen
1. De commissie gaat slechts tot vermelding in de rassenlijst in de rubriek ‘bestemd voor de produktie van getoetst teeltmateriaal’ over indien uit het uitgangsmateriaal teeltmateriaal is verkregen met verbeterde teeltwaarde, die is gebleken uit vergelijkende proeven, uitgevoerd overeenkomstig de in bijlage II van de Richtlijn vervatte eisen.
2. In afwijking van het in het eerste lid bepaalde gaat de commissie eveneens, voor ten hoogste tien jaren, tot vermelding in de in het eerste lid bedoelde rubriek van de rassenlijst over indien de voorlopige resultaten van de in het eerste lid bedoelde proeven doen vermoeden dat het uitgangsmateriaal na afloop van deze proeven in deze rubriek van de rassenlijst kan worden vermeld.
3. In afwijking van het in het eerste lid bepaalde kan tot 1 juli 1987 eveneens uitgangsmateriaal door de commissie in de rassenlijst zijn vermeld in de in het eerste lid bedoelde rubriek indien uit vergelijkende proeven, die niet zijn uitgevoerd overeenkomstig de in bijlage II van de Richtlijn vervatte eisen en voor zover die voor 1 juli 1977 zijn aangevangen, is gebleken dat uit dit uitgangsmateriaal teeltmateriaal met verbeterde teeltwaarde is verkregen.
4. Bij vermelding in de rassenlijst in de in het eerste lid bedoelde rubriek kan worden aangegeven of zulks geschiedt naar aanleiding van het in het eerste, tweede dan wel derde lid bepaalde.
2. In afwijking van het in het eerste lid bepaalde gaat de commissie eveneens, voor ten hoogste tien jaren, tot vermelding in de in het eerste lid bedoelde rubriek van de rassenlijst over indien de voorlopige resultaten van de in het eerste lid bedoelde proeven doen vermoeden dat het uitgangsmateriaal na afloop van deze proeven in deze rubriek van de rassenlijst kan worden vermeld.
3. In afwijking van het in het eerste lid bepaalde kan tot 1 juli 1987 eveneens uitgangsmateriaal door de commissie in de rassenlijst zijn vermeld in de in het eerste lid bedoelde rubriek indien uit vergelijkende proeven, die niet zijn uitgevoerd overeenkomstig de in bijlage II van de Richtlijn vervatte eisen en voor zover die voor 1 juli 1977 zijn aangevangen, is gebleken dat uit dit uitgangsmateriaal teeltmateriaal met verbeterde teeltwaarde is verkregen.
4. Bij vermelding in de rassenlijst in de in het eerste lid bedoelde rubriek kan worden aangegeven of zulks geschiedt naar aanleiding van het in het eerste, tweede dan wel derde lid bepaalde.