BWBR0002849
Geldig vanaf 1973-01-01
Artikel 24b
Besluit vaststelling algemene maatregel van bestuur als bedoeld in artikel 24 wet gemeentelijke herindeling Noordwest-Overijssel
1. Het recht op uitkering eindigt:
a. met ingang van de eerste dag van de kalendermaand volgende op die waarin de betrokkene de leeftijd van 65 jaar heeft bereikt;
b. met ingang van de dag volgende op die waarop de betrokkene is overleden;
c. indien het recht op uitkering geheel wordt afgekocht;
e. op aanvraag van betrokkene.
2. Het recht op uitkering eindigt met ingang van de eerste dag van de tweede maand volgende op die waarin de betrokkene in de zin van artikel E 1 of artikel U 15 van de pensioenwet uit hoofde van ziekten of gebreken blijvend ongeschikt is verklaard de betrekking te vervullen waaruit hij met recht op uitkering is ontslagen, waarbij een pensioen is berekend naar een algemene invaliditeit van 80% of meer. Artikel 6, zevende lid, is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat van deze uitkering de duur, voor zover deze wordt bepaald aan de hand van artikel 7a, en de hoogte worden vastgesteld te rekenen vanaf de datum van ontslag.
3. Het eerste lid is, voor zover nodig, van overeenkomstige toepassing op een uitkering bedoeld in artikel 18, eerste en tweede lid.
a. met ingang van de eerste dag van de kalendermaand volgende op die waarin de betrokkene de leeftijd van 65 jaar heeft bereikt;
b. met ingang van de dag volgende op die waarop de betrokkene is overleden;
c. indien het recht op uitkering geheel wordt afgekocht;
e. op aanvraag van betrokkene.
2. Het recht op uitkering eindigt met ingang van de eerste dag van de tweede maand volgende op die waarin de betrokkene in de zin van artikel E 1 of artikel U 15 van de pensioenwet uit hoofde van ziekten of gebreken blijvend ongeschikt is verklaard de betrekking te vervullen waaruit hij met recht op uitkering is ontslagen, waarbij een pensioen is berekend naar een algemene invaliditeit van 80% of meer. Artikel 6, zevende lid, is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat van deze uitkering de duur, voor zover deze wordt bepaald aan de hand van artikel 7a, en de hoogte worden vastgesteld te rekenen vanaf de datum van ontslag.
3. Het eerste lid is, voor zover nodig, van overeenkomstige toepassing op een uitkering bedoeld in artikel 18, eerste en tweede lid.