BWBR0002849
Geldig vanaf 1973-01-01
Artikel 21
Besluit vaststelling algemene maatregel van bestuur als bedoeld in artikel 24 wet gemeentelijke herindeling Noordwest-Overijssel
1. Indien de betrokkene ter zake van een ontslag, verleend wegens blijvende ongeschiktheid uit hoofde van ziekten of gebreken voor de vervulling van zijn ambt blijkens een onherroepelijk geworden beslissing als bedoeld in artikel P 5 van de pensioenwet, aanspraak heeft op een pensioen berekend naar een algemene invaliditeit van minder dan 80%, dan wel een uitkering overeenkomstig de normen van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekeringberekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van minder dan 80%, wordt het geldende bedrag van de uitkering, toegekend ter zake van hetzelfde ontslag, met het hierna genoemde percentage verminderd. Deze vermindering bedraagt bij een invaliditeitsgraad van
[tabel]
De som van het in de eerste volzin bedoelde pensioen dan wel de uitkering overeenkomstig de normen van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekeringen de verminderde uitkering bedraagt voorts niet meer dan de onverminderde uitkering die wordt genoten indien er geen sprake is van samenloop. Ingeval van overschrijding van bedoelde onverminderde uitkering wordt het overschrijdende bedrag op de verminderde uitkering in mindering gebracht.
2. Indien de betrokkene aan wie uitkering is toegekend, uit hoofde van de betrekking waaraan deze uitkering wordt ontleend, aanspraak heeft of verkrijgt op een uitkering krachtens de Werkloosheidswet, de Ziektewetof de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, wordt gedurende de termijn, waarover die aanspraak bestaat, de uitkering slechts uitbetaald voor zover het evenbedoelde uitkeringen te boven gaat.
[tabel]
De som van het in de eerste volzin bedoelde pensioen dan wel de uitkering overeenkomstig de normen van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekeringen de verminderde uitkering bedraagt voorts niet meer dan de onverminderde uitkering die wordt genoten indien er geen sprake is van samenloop. Ingeval van overschrijding van bedoelde onverminderde uitkering wordt het overschrijdende bedrag op de verminderde uitkering in mindering gebracht.
2. Indien de betrokkene aan wie uitkering is toegekend, uit hoofde van de betrekking waaraan deze uitkering wordt ontleend, aanspraak heeft of verkrijgt op een uitkering krachtens de Werkloosheidswet, de Ziektewetof de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, wordt gedurende de termijn, waarover die aanspraak bestaat, de uitkering slechts uitbetaald voor zover het evenbedoelde uitkeringen te boven gaat.