BWBR0002732
Geldig vanaf 1971-01-01
Artikel 13
Reglement voor de ondernemingskamer
1. Aan de deskundige leden en plaatsvervangende deskundige leden wordt een vergoeding toegekend met overeenkomstige toepassing van de regels die gelden voor de raadsheren-plaatsvervangers.
2. Aan de deskundige leden en plaatsvervangende deskundige leden van de ondernemingskamer wordt, in afwijking van de regels die gelden voor de raadsheren-plaatsvervangers, een vergoeding toegekend ten bedrage van € 1.000 per 27 mei 2025 en met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2025: € 1.330per zittingsdag.
3. Bij regeling van Onze Minister kan de in het tweede lid genoemde vergoeding jaarlijks met ingang van 1 januari worden aangepast aan de ontwikkeling van de consumentenprijsindex. Daarbij worden de bedragen rekenkundig afgerond op hele euro’s.
2. Aan de deskundige leden en plaatsvervangende deskundige leden van de ondernemingskamer wordt, in afwijking van de regels die gelden voor de raadsheren-plaatsvervangers, een vergoeding toegekend ten bedrage van € 1.000 per 27 mei 2025 en met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2025: € 1.330per zittingsdag.
3. Bij regeling van Onze Minister kan de in het tweede lid genoemde vergoeding jaarlijks met ingang van 1 januari worden aangepast aan de ontwikkeling van de consumentenprijsindex. Daarbij worden de bedragen rekenkundig afgerond op hele euro’s.