BWBR0002629
Geldig vanaf 2000-01-01
Artikel 25d
Wet op de omzetbelasting 1968
1. De voorafgaande kennisgeving bevat ten minste de volgende informatie:
a. de naam, de activiteit, de rechtsvorm en het adres van de ondernemer;
b. de lidstaat of lidstaten waar de ondernemer voornemens is de vrijstelling toe te passen;
c. het totaal van de vergoedingen ter zake van de leveringen van goederen en diensten die in het voorafgaande kalenderjaar zijn verricht in Nederland en in elk van de andere lidstaten; en
d. het totaal van de vergoedingen ter zake van de leveringen van goederen en diensten verricht in Nederland en in elk van de andere lidstaten, tijdens het kalenderjaar tot aan de kennisgeving.
2. In afwijking van het eerste lid, onderdeel c, verstrekt de ondernemer de informatie voor de twee voorafgaande kalenderjaren voor elke lidstaat die overeenkomstig artikel 288 bis, eerste lid, eerste alinea, van de BTW-richtlijn 2006 de periode heeft verlengd tot twee kalenderjaren.
3. Indien de ondernemer de inspecteur in kennis stelt van zijn voornemen de vrijstelling toe te gaan passen in één of meer andere lidstaten dan aangegeven in de voorafgaande kennisgeving, hoeft deze ondernemer de eerder krachtens artikel 25everstrekte informatie niet opnieuw te verstrekken.
4. De actualisering van de voorafgaande kennisgeving bevat steeds het individuele nummer met het achtervoegsel «EX».
a. de naam, de activiteit, de rechtsvorm en het adres van de ondernemer;
b. de lidstaat of lidstaten waar de ondernemer voornemens is de vrijstelling toe te passen;
c. het totaal van de vergoedingen ter zake van de leveringen van goederen en diensten die in het voorafgaande kalenderjaar zijn verricht in Nederland en in elk van de andere lidstaten; en
d. het totaal van de vergoedingen ter zake van de leveringen van goederen en diensten verricht in Nederland en in elk van de andere lidstaten, tijdens het kalenderjaar tot aan de kennisgeving.
2. In afwijking van het eerste lid, onderdeel c, verstrekt de ondernemer de informatie voor de twee voorafgaande kalenderjaren voor elke lidstaat die overeenkomstig artikel 288 bis, eerste lid, eerste alinea, van de BTW-richtlijn 2006 de periode heeft verlengd tot twee kalenderjaren.
3. Indien de ondernemer de inspecteur in kennis stelt van zijn voornemen de vrijstelling toe te gaan passen in één of meer andere lidstaten dan aangegeven in de voorafgaande kennisgeving, hoeft deze ondernemer de eerder krachtens artikel 25everstrekte informatie niet opnieuw te verstrekken.
4. De actualisering van de voorafgaande kennisgeving bevat steeds het individuele nummer met het achtervoegsel «EX».