BWBR0002588
Geldig vanaf 1967-06-01
Artikel 4a
Regeling Tarieven Raad voor het Kwekersrecht
1. Indien met betrekking tot een aanvrage
a. de aanvrager het onderzoek naar de zelfstandigheid van het ras wenst te baseren op een overeenkomstig onderzoek, dat naar aanleiding van een op een vroeger tijdstip dan de aanvrage in een andere Unie-Staat ingediend verzoek zal worden, wordt of is verricht;
b. bij de indiening ervan of binnen een door de Raad te bepalen termijn het materiaal, behorende bij het onder a bedoelde verzoek, is aangewezen als te behoren bij de aanvrage;
c. bij de indiening ervan of binnen een door de Raad te bepalen termijn de Raad een gewaarmerkt afschrift van het onder a bedoelde verzoek heeft ontvangen en
d. de Raad te kennen heeft gegeven dat het onder a bedoelde onderzoek een onderzoek zijnentwege kan vervangen, verlangt de Raad geen bedragen voor de tweede of derde teeltperiode van onderzoek.
2. Indien met betrekking tot een aanvrage waarop het eerste lid van toepassing is, aan de Raad verslag wordt uitgebracht van het onderzoek, is de aanvrager in afwijking van het bepaalde in artikel 2, tweede en derde lid, een bedrag van € 226,89 verschuldigd, welk bedrag gelijktijdig met het bedrag als genoemd in artikel 2, eerste lid, moet worden voldaan. Indien de Raad het verzoek als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, niet inwilligt, bepaalt hij de termijn binnen welke de aanvrager door bijbetaling kan voldoen aan het vereiste van artikel 2, tweede lid, onderdeel a.
3. Met betrekking tot een aanvrage, waarvoor de toepasbaarheid van het eerste lid komt te vervallen wegens intrekking of afwijzing van het verzoek als bedoeld in dat lid, onder a, is het bepaalde in artikel 2, tweede en derde lid, van toepassing indien en voorzover de aldaar bedoelde teeltperioden van onderzoek uitsluitend op de onderhavige aanvrage zijn gebaseerd, met dien verstande dat ten minste het in het tweede lid bedoelde bedrag verschuldigd is.
4. Indien een aanvrage, waarop het eerste lid van toepassing is, wordt ingetrokken of afgewezen voordat de Raad de resultaten van het in dat lid onder a bedoelde onderzoek heeft ontvangen, is in afwijking van het bepaalde in artikel 2, tweede en derde lid, geen bedrag verschuldigd voor enig onderzoek naar de zelfstandigheid van het ras. De Raad restitueert enig ter zake betaald bedrag.
5. De ingevolge het tweede en derde lid verschuldigde bedragen worden verrekend met betalingen, reeds gedaan ter zake van de aanvrage.
a. de aanvrager het onderzoek naar de zelfstandigheid van het ras wenst te baseren op een overeenkomstig onderzoek, dat naar aanleiding van een op een vroeger tijdstip dan de aanvrage in een andere Unie-Staat ingediend verzoek zal worden, wordt of is verricht;
b. bij de indiening ervan of binnen een door de Raad te bepalen termijn het materiaal, behorende bij het onder a bedoelde verzoek, is aangewezen als te behoren bij de aanvrage;
c. bij de indiening ervan of binnen een door de Raad te bepalen termijn de Raad een gewaarmerkt afschrift van het onder a bedoelde verzoek heeft ontvangen en
d. de Raad te kennen heeft gegeven dat het onder a bedoelde onderzoek een onderzoek zijnentwege kan vervangen, verlangt de Raad geen bedragen voor de tweede of derde teeltperiode van onderzoek.
2. Indien met betrekking tot een aanvrage waarop het eerste lid van toepassing is, aan de Raad verslag wordt uitgebracht van het onderzoek, is de aanvrager in afwijking van het bepaalde in artikel 2, tweede en derde lid, een bedrag van € 226,89 verschuldigd, welk bedrag gelijktijdig met het bedrag als genoemd in artikel 2, eerste lid, moet worden voldaan. Indien de Raad het verzoek als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, niet inwilligt, bepaalt hij de termijn binnen welke de aanvrager door bijbetaling kan voldoen aan het vereiste van artikel 2, tweede lid, onderdeel a.
3. Met betrekking tot een aanvrage, waarvoor de toepasbaarheid van het eerste lid komt te vervallen wegens intrekking of afwijzing van het verzoek als bedoeld in dat lid, onder a, is het bepaalde in artikel 2, tweede en derde lid, van toepassing indien en voorzover de aldaar bedoelde teeltperioden van onderzoek uitsluitend op de onderhavige aanvrage zijn gebaseerd, met dien verstande dat ten minste het in het tweede lid bedoelde bedrag verschuldigd is.
4. Indien een aanvrage, waarop het eerste lid van toepassing is, wordt ingetrokken of afgewezen voordat de Raad de resultaten van het in dat lid onder a bedoelde onderzoek heeft ontvangen, is in afwijking van het bepaalde in artikel 2, tweede en derde lid, geen bedrag verschuldigd voor enig onderzoek naar de zelfstandigheid van het ras. De Raad restitueert enig ter zake betaald bedrag.
5. De ingevolge het tweede en derde lid verschuldigde bedragen worden verrekend met betalingen, reeds gedaan ter zake van de aanvrage.