BWBR0002551
Geldig vanaf 1967-07-01
Artikel 44
Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen brengt degene, die ter zake van een ongeval, dat plaatsvond vóór de dag, waarop artikel 19 van de Wetin werking treedt,
hetzij vóór die dag genees- en heelkundige behandeling of vergoeding daarvoor als bedoeld in artikel 14 van de Ongevallenwet 1921, artikel 35 van de Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 of artikel 2, achtste lid, van de Zeeongevallenwet 1919 heeft gehad,
hetzij binnen een jaar, aanvangende op meergenoemde dag, recht op zodanige behandeling of vergoeding daarvoor zou hebben gehad, indien laatstgenoemde wetten niet zouden zijn ingetrokken,
een en ander tenzij de uitkering als bedoeld in artikel 16 van de Ongevallenwet 1921, artikel 37 van de Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 of artikel 2, eerste lid, onder a, van de Zeeongevallenwet 1919, welke hem ter zake van eerdergenoemd ongeval is toegekend, overeenkomstig het bepaalde in artikel 17 van de Liquidatiewet ongevallenwettenwordt afgekocht dan wel overeenkomstig het bepaalde in artikel 18 van die wetis afgekocht, op de voet van het bepaalde in § 3 van hoofdstuk II van de Wet voor zodanige behandeling of vergoeding daarvoor in aanmerking, indien hij daarop, zo de Ongevallenwet 1921, de Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 en de Zeeongevallenwet 1919 niet zouden zijn ingetrokken, recht zou hebben gehad.
hetzij vóór die dag genees- en heelkundige behandeling of vergoeding daarvoor als bedoeld in artikel 14 van de Ongevallenwet 1921, artikel 35 van de Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 of artikel 2, achtste lid, van de Zeeongevallenwet 1919 heeft gehad,
hetzij binnen een jaar, aanvangende op meergenoemde dag, recht op zodanige behandeling of vergoeding daarvoor zou hebben gehad, indien laatstgenoemde wetten niet zouden zijn ingetrokken,
een en ander tenzij de uitkering als bedoeld in artikel 16 van de Ongevallenwet 1921, artikel 37 van de Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 of artikel 2, eerste lid, onder a, van de Zeeongevallenwet 1919, welke hem ter zake van eerdergenoemd ongeval is toegekend, overeenkomstig het bepaalde in artikel 17 van de Liquidatiewet ongevallenwettenwordt afgekocht dan wel overeenkomstig het bepaalde in artikel 18 van die wetis afgekocht, op de voet van het bepaalde in § 3 van hoofdstuk II van de Wet voor zodanige behandeling of vergoeding daarvoor in aanmerking, indien hij daarop, zo de Ongevallenwet 1921, de Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 en de Zeeongevallenwet 1919 niet zouden zijn ingetrokken, recht zou hebben gehad.