BWBR0002496
Geldig vanaf 1967-01-26
Artikel 9
Besluit inzake vlees uit andere lid-staten
1. Vlees dat krachtens artikel 6, eerste lid, niet verder in de handel mag worden gebracht, kan binnen tweemaal vierentwintig uur na de kennisgeving bedoeld in artikel 7, eerste lid, met toestemming van de afzender of diens lasthebber, worden teruggevoerd naar het land van verzending, dan wel in Nederland worden bestemd uitsluitend voor ander gebruik dan voor menselijke consumptie, tenzij daartegen uit een oogpunt van volksgezondheid bezwaar bestaat.
2. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid is de afzender bevoegd omtrent de redenen, welke geleid hebben tot een beslissing, als bedoeld in artikel 6, uiterlijk binnen één maand na het eindigen van de dag waarop die beslissing is genomen het advies in te winnen van een der veterinaire deskundigen, die daartoe door de Commissie van de Europese Gemeenschappen zijn aangewezen, zulks met inachtneming van de door die commissie gestelde voorschriften.
3. Onze Minister kan nadere regels stellen met betrekking tot de opslag en het vervoer van vlees waarop het eerste en tweede lid van toepassing zijn.
2. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid is de afzender bevoegd omtrent de redenen, welke geleid hebben tot een beslissing, als bedoeld in artikel 6, uiterlijk binnen één maand na het eindigen van de dag waarop die beslissing is genomen het advies in te winnen van een der veterinaire deskundigen, die daartoe door de Commissie van de Europese Gemeenschappen zijn aangewezen, zulks met inachtneming van de door die commissie gestelde voorschriften.
3. Onze Minister kan nadere regels stellen met betrekking tot de opslag en het vervoer van vlees waarop het eerste en tweede lid van toepassing zijn.