BWBR0002414
Geldig vanaf 2001-08-24
Artikel 4a
Samenloopregeling Indonesische pensioenen 1960
Voor de toepassing van de artikelen 3en 4geldt het volgende.
a. Het volle algemeen ouderdomspensioen wordt geacht betrekking te hebben op het tijdvak liggende tussen de tijdstippen waarop de gewezen overheidsdienaar dan wel, indien het betreft een weduwenpensioen, degene, aan wiens overlijden het recht op pensioen wordt ontleend, de aanvangsleeftijd en de pensioengerechtigde leeftijd, beide bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, heeft of zou hebben bereikt.
b. Als diensttijd wordt uitsluitend in aanmerking genomen de diensttijd, gelegen tussen de tijdstippen, waarop de aanvangsleeftijd en de pensioengerechtigde leeftijd, beide bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, is of zou zijn bereikt.
c. Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties kan nadere regels stellen met betrekking tot de in de artikelen 3 en 4 bedoelde beperking te hanteren bedragen.
a. Het volle algemeen ouderdomspensioen wordt geacht betrekking te hebben op het tijdvak liggende tussen de tijdstippen waarop de gewezen overheidsdienaar dan wel, indien het betreft een weduwenpensioen, degene, aan wiens overlijden het recht op pensioen wordt ontleend, de aanvangsleeftijd en de pensioengerechtigde leeftijd, beide bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, heeft of zou hebben bereikt.
b. Als diensttijd wordt uitsluitend in aanmerking genomen de diensttijd, gelegen tussen de tijdstippen, waarop de aanvangsleeftijd en de pensioengerechtigde leeftijd, beide bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, is of zou zijn bereikt.
c. Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties kan nadere regels stellen met betrekking tot de in de artikelen 3 en 4 bedoelde beperking te hanteren bedragen.