BWBR0002249
Geldig vanaf 1957-01-01
Artikel 3
Besluit houdende beperking van een uitkering krachtens de Regeling uitkeringen niet-pensioengerechtigden van land- en zeemacht 1948, Stb. I 543
1. De bepalingen van dit besluit blijven buiten toepassing ten aanzien van degenen, die op grond van gemoedsbezwaren hun aanspraak op ouderdomspensioen niet geldig maken.
2. Ten aanzien van degene, die aantoont dat hij op de dag vóór de inwerkingtreding van dit besluit aan uitkering en uitkering ingevolge de Noodwet Ouderdomsvoorziening meer ontving dan hem in totaal aan uitkering en ouderdomspensioen toekomt, wordt de beperking van de uitbetaling van de uitkering gesteld op een zodanig bedrag, dat hij in totaal niet minder ontvangt dan op eerder genoemde dag het geval was.
2. Ten aanzien van degene, die aantoont dat hij op de dag vóór de inwerkingtreding van dit besluit aan uitkering en uitkering ingevolge de Noodwet Ouderdomsvoorziening meer ontving dan hem in totaal aan uitkering en ouderdomspensioen toekomt, wordt de beperking van de uitbetaling van de uitkering gesteld op een zodanig bedrag, dat hij in totaal niet minder ontvangt dan op eerder genoemde dag het geval was.