BWBR0002194
Geldig vanaf 1955-09-12
Artikel I
Besluit instelling Staatsdiploma leraar stenografie
Vereist worden:
a. grondige kennis van het stelsel, waarin wordt geëxamineerd;
b. kennis van de geschiedenis van de stenografie, in het bijzonder van de stenografie in Nederland;
c. enige kennis van de ontwikkeling van het schrift;
d. kennis van de methodiek van het onderwijs in de stenografie;
e. 1. het in correct schrift kunnen volgen gedurende tien achtereenvolgende minuten van een dictaat handelsbrieven en een dictaat algemene stof, elk voorgelezen gedurende vijf minuten met een snelheid van respectievelijk 130 en 100 lettergrepen per minuut;
2. het kunnen teruglezen van een door de examencommissie aan te geven gedeelte van het gedicteerde;
3. het kunnen uitwerken van het overige gedeelte binnen een door de examencommissie vast te stellen tijd;
1. het in correct schrift kunnen volgen gedurende tien achtereenvolgende minuten van een dictaat handelsbrieven en een dictaat algemene stof, elk voorgelezen gedurende vijf minuten met een snelheid van respectievelijk 130 en 100 lettergrepen per minuut;
2. het kunnen teruglezen van een door de examencommissie aan te geven gedeelte van het gedicteerde;
3. het kunnen uitwerken van het overige gedeelte binnen een door de examencommissie vast te stellen tijd;
f. kennis van het notuleren;
g. notuleren;
h. enige kennis van de handelsterminologie.
a. grondige kennis van het stelsel, waarin wordt geëxamineerd;
b. kennis van de geschiedenis van de stenografie, in het bijzonder van de stenografie in Nederland;
c. enige kennis van de ontwikkeling van het schrift;
d. kennis van de methodiek van het onderwijs in de stenografie;
e. 1. het in correct schrift kunnen volgen gedurende tien achtereenvolgende minuten van een dictaat handelsbrieven en een dictaat algemene stof, elk voorgelezen gedurende vijf minuten met een snelheid van respectievelijk 130 en 100 lettergrepen per minuut;
2. het kunnen teruglezen van een door de examencommissie aan te geven gedeelte van het gedicteerde;
3. het kunnen uitwerken van het overige gedeelte binnen een door de examencommissie vast te stellen tijd;
1. het in correct schrift kunnen volgen gedurende tien achtereenvolgende minuten van een dictaat handelsbrieven en een dictaat algemene stof, elk voorgelezen gedurende vijf minuten met een snelheid van respectievelijk 130 en 100 lettergrepen per minuut;
2. het kunnen teruglezen van een door de examencommissie aan te geven gedeelte van het gedicteerde;
3. het kunnen uitwerken van het overige gedeelte binnen een door de examencommissie vast te stellen tijd;
f. kennis van het notuleren;
g. notuleren;
h. enige kennis van de handelsterminologie.