BWBR0002071
Geldig vanaf 24-06-1994
Artikel 6
Besluit tot uitvoering van het vijfde hoofdstuk der Wet buitengewoon pensioen 1940-1945
Bij een aanvrage om pensioen ten behoeve van de wettige kinderen, bedoeld in artikel 15, eerste lid, onder a, en tweede lid, der wet worden bovendien overgelegd:
1. de in artikel 4, onder 1 en 2, vermelde stukken, voorzover die niet reeds zijn overgelegd ingevolge het bepaalde in dat artikel;
2. extracten uit het geboortenregister betreffende die kinderen;
3. zo mogelijk een gewaarmerkt afschrift van de akte van benoeming tot en beëdiging als voogd(es) over die kinderen.
1. de in artikel 4, onder 1 en 2, vermelde stukken, voorzover die niet reeds zijn overgelegd ingevolge het bepaalde in dat artikel;
2. extracten uit het geboortenregister betreffende die kinderen;
3. zo mogelijk een gewaarmerkt afschrift van de akte van benoeming tot en beëdiging als voogd(es) over die kinderen.
- Citeren als
- Art. 6
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0002071
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl