BWBR0001972
Geldig vanaf 1936-10-16
Artikel 7
Wet overbrenging consignatiekas naar de Nederlandsche Bank
1. In alle gevallen, waarin ten opzichte van een in bewaring gegeven fonds de rechthebbende gesteld wordt voor eene keuze, of waarin zijne toestemming gevraagd wordt voor eene handeling die wijziging brengt in de waarde, den aard of den rentevoet van het fonds, kunnen de Nederlandsche Bank en de bewaargever in onderling overleg beslissen en verricht de Nederlandsche Bank de handelingen, die hiervan het gevolg zijn.
2. Leidt dit overleg niet tot overeenstemming of wenscht de Nederlandsche Bank tot eene beslissing niet mede te werken, dan beslist, op verzoek van den bewaargever, de in artikel 5, lid 2, bedoelde kantonrechter zonder hoogere voorziening, waarna het slot van het vorige lid toepasselijk is.
2. Leidt dit overleg niet tot overeenstemming of wenscht de Nederlandsche Bank tot eene beslissing niet mede te werken, dan beslist, op verzoek van den bewaargever, de in artikel 5, lid 2, bedoelde kantonrechter zonder hoogere voorziening, waarna het slot van het vorige lid toepasselijk is.