BWBR0001933
Geldig vanaf 22-10-1992
Artikel 17
Zeebrievenwet
1. De met de uitvoering van deze wet belaste Minister is bevoegd, uitsluitend op grond van bijzondere omstandigheden,
a. afwijking toe te staan van het bepaalde bij artikel 6, tweede lid, en artikel 6a, eerste lid;
b. de geldigheid van een zeebrief te doen voortduren ook na het in artikel 8, tweede lid, bedoelde tijdstip, en wel gedurende een bepaalde tijd of tot het doen van een bepaalde reis;
c. de geldigheidsduur van een voorlopige zeebrief en van een buitengewone zeebrief te verlengen.
2. Verlenging, als onder b bedoeld, alsmede de onder c bedoelde verlenging van een buitengewone zeebrief, kan slechts éénmaal plaats vinden.
a. afwijking toe te staan van het bepaalde bij artikel 6, tweede lid, en artikel 6a, eerste lid;
b. de geldigheid van een zeebrief te doen voortduren ook na het in artikel 8, tweede lid, bedoelde tijdstip, en wel gedurende een bepaalde tijd of tot het doen van een bepaalde reis;
c. de geldigheidsduur van een voorlopige zeebrief en van een buitengewone zeebrief te verlengen.
2. Verlenging, als onder b bedoeld, alsmede de onder c bedoelde verlenging van een buitengewone zeebrief, kan slechts éénmaal plaats vinden.
- Wet
- Zeebrievenwet
- Citeren als
- Art. 17
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0001933
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl