BWBR0001933
Geldig vanaf 2006-07-05
Artikel 15
Zeebrievenwet
1. De kapitein van een zeeschip, voor hetwelk een zeebrief of een vergunning, als bedoeld in artikel 13is verleend, is verplicht, wanneer het schip een buitenlandse haven aanloopt alwaar een Nederlandse diplomatieke of consulaire ambtenaar is gevestigd, op diens verzoek de zeebrief of de vergunning te tonen, waarna de diplomatieke of consulaire ambtenaar de zeebrief of de vergunning aftekent.
2. Ongeldige zeebrieven of vergunningen, waaronder begrepen vervallen of ingetrokken zeebrieven en vergunningen, worden door de diplomatieke of consulaire ambtenaar ingehouden, tenzij een nieuwe zeebrief of vergunning is aangevraagd.
2. Ongeldige zeebrieven of vergunningen, waaronder begrepen vervallen of ingetrokken zeebrieven en vergunningen, worden door de diplomatieke of consulaire ambtenaar ingehouden, tenzij een nieuwe zeebrief of vergunning is aangevraagd.