BWBR0001869
Geldig vanaf 1923-01-01
Artikel 127
Wetboek van Militair Strafrecht
1. Met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en negen maanden of geldboete van de vierde categorie wordt gestraft de militair die opzettelijk een dienstbevel niet opvolgt, indien als rechtstreeks en onmiddellijk gevolg daarvan schade ontstaat aan of te duchten is voor de gereedheid tot het daadwerkelijk uitvoeren van een operatie of oefening van enig onderdeel van de krijgsmacht.
2. Indien het feit is gepleegd in tijd van oorlog wordt hij gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie.
3. Het maximum der in het eerste en tweede lid gestelde gevangenisstraffen wordt verdubbeld:
1°. indien twee of meer personen gezamenlijk het misdrijf plegen;
2°. indien de schuldige tevens een andere militair tot het misdrijf aanzet;
3°. indien hij het misdrijf pleegt bij een gevecht met de vijand.
2. Indien het feit is gepleegd in tijd van oorlog wordt hij gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie.
3. Het maximum der in het eerste en tweede lid gestelde gevangenisstraffen wordt verdubbeld:
1°. indien twee of meer personen gezamenlijk het misdrijf plegen;
2°. indien de schuldige tevens een andere militair tot het misdrijf aanzet;
3°. indien hij het misdrijf pleegt bij een gevecht met de vijand.