Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2026-02-17
ECLI:NL:RBDHA:2026:5939
Civiel recht; Personen- en familierecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,960 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBDHA:2026:5939 text/xml public 2026-03-30T15:53:23 2026-03-20 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-02-17 C/09/690170 / FA RK 25-6183 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig Beschikking NL Den Haag Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:5939 text/html public 2026-03-30T15:52:57 2026-03-30 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:5939 Rechtbank Den Haag , 17-02-2026 / C/09/690170 / FA RK 25-6183 Wijziging vermelding geslacht in geboorteakte naar X en voornaamswijziging Rechtbank DEN HAAG Enkelvoudige Kamer Rekestnummer: FA RK 25-6183 Zaaknummer: C/09/690170 Datum beschikking: 17 februari 2026 Wijziging vermelding geslacht in geboorteakte en voornaamswijziging Beschikking op het op 13 augustus 2025 ingekomen verzoekschrift van: [verzoeker] , hierna: [verzoeker] , wonende op een bij de rechtbank bekend adres, advocaat: mr. K.S.M. Smienk in Utrecht. Als belanghebbende ten aanzien van het verzoek tot wijziging vermelding geslacht in geboorteakte wordt aangemerkt: de ambtenaar van de gemeente Zaanstad, hierna: de ambtenaar, zetelend in Zaanstad. Procedure De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder van: het verzoekschrift, met bijlagen; het bericht van 1 oktober 2025 van de ambtenaar; het bericht van 7 januari 2026 van [verzoeker] . Feiten [verzoeker] heeft de Nederlandse nationaliteit. Volgens een afschrift van een akte van de burgerlijke stand van de gemeente Zaanstad, nummer KE75 van het jaar 1982, opgemaakt op 5 juli 1982, is geboren op [geboortedatum] 1982: [verzoeker] , dochter van de echtgenoten [echtgenoot 1] en [echtgenoot 2] . Aan de geboorteakte is op 4 oktober 2016 een latere vermelding betreffende aangifte van wijziging van het geslacht en de voornamen toegevoegd, in die zin dat het geslacht is gewijzigd in: M (mannelijk) en de voornamen zijn gewijzigd in [voornamen 1] . Aan de geboorteakte is op 29 mei 2019 een latere vermelding betreffende aangifte van wijziging van het geslacht en de voornamen toegevoegd, in die zin dat het geslacht is gewijzigd in: F (vrouwelijk) en de voornamen zijn gewijzigd in [voornamen 2] . Verzoek en verweer [verzoeker] verzoekt, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad: de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Zaanstad te gelasten om aan de geboorteakte ingeschreven in het register van de gemeente Zaanstad van het jaar 1982 (aktenummer KE75) een latere vermelding toe te voegen van wijziging van het geslacht, in die zin dat het geslacht X zal zijn; te bepalen dat diens voornaam gewijzigd wordt in de voornaam [voornamen 1] en de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Zaanstad te gelasten om deze wijziging in de geboorteakte ingeschreven in het register van de gemeente Zaanstad van het jaar 1982 (aktenummer: KE75) toe te voegen. De ambtenaar heeft geen verweer gevoerd. Beoordeling Relatieve bevoegdheid Omdat de geboorteakte van [verzoeker] is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand van de gemeente Zaanstad, is op grond van artikel 263 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) de rechtbank Noord-Holland bevoegd om te beslissen op het verzoek tot wijziging van de vermelding van het geslacht in de geboorteakte. Omdat [verzoeker] in [woonplaats] woont, is op grond van artikel 262 sub a Rv deze rechtbank bevoegd te beslissen op het verzoek tot wijziging van de voornamen. [verzoeker] heeft ervoor gekozen om vanwege de verknochtheid beide verzoeken tegelijkertijd in te dienen bij deze rechtbank. De rechtbank acht zich, gelet op het voorgaande, bevoegd om op beide verzoeken te beslissen. Wijziging vermelding geslacht in geboorteakte Ter onderbouwing van het verzoek wordt aangevoerd dat [verzoeker] een non-binaire beleving van diens gender heeft. [verzoeker] heeft hier in een brief een nadere toelichting op gegeven. [verzoeker] heeft een jarenlange zoektocht doorgemaakt naar diens gender. [verzoeker] heeft ontdekt noch tot het mannelijke noch tot het vrouwelijke geslacht te behoren en identificeert zich niet specifiek als binair man of binair vrouw. Voor [verzoeker] is het belangrijk dat diens geboorteakte, identiteitsbewijs en officiële documenten aansluiten bij diens gevoel. De aanduiding X bij de geslachtsregistratie op diens identiteitsbewijs zorgt ervoor dat de juridische werkelijkheid in overeenstemming is met de innerlijke genderbeleving van [verzoeker] . De rechtbank overweegt dat de wet op dit moment geen mogelijkheid biedt om het verzoek toe te wijzen, omdat er geen wettelijke bepaling bestaat die het voor non-binaire personen mogelijk maakt zich als genderneutraal te registreren. Zoals in de uitspraak van deze rechtbank van 16 december 2025 is toegelicht levert het ontbreken van deze mogelijkheid een ongeoorloofd onderscheid op tussen transgender en genderneutrale personen en aldus een onderscheid naar geslacht, zoals bedoeld in artikel 26 van het Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (IVBPR) en artikel 1 lid 2 van het Protocol nummer 12 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). De rechtbank is van oordeel dat het individuele belang van [verzoeker] bij de mogelijkheid tot verbetering van de geboorteakte onder deze omstandigheden zwaarder weegt dan het algemene belang van strikte handhaving van de huidige wettelijke regeling. De rechtbank zal artikel 1:28 van het Burgerlijk Wetboek (BW) daarom analoog toepassen op het verzoek van [verzoeker] . Bij toewijzing van een verzoek op grond van artikel 1:28 BW is op grond van artikel 1:28a BW de verklaring van een deskundige vereist. [verzoeker] heeft een brief van diens huisarts van 29 juli 2025 overgelegd, waarin de huisarts aangeeft met [verzoeker] te hebben gesproken over diens wens tot wijzing van de geslachtsvermelding naar X, dat [verzoeker] lang heeft nagedacht over deze wens en dat er geen indicaties naar voren zijn gekomen op basis waarvan de huisarts [verzoeker] afraad om een wijziging van diens gegevens te verzoeken. Omdat niet is gebleken dat de huisarts is aangewezen als deskundige in de zin van artikel 1:28a BW, kwalificeert de verklaring van de huisarts ook niet als een deskundigenverklaring in de zin van artikel 1:28a BW. In de hiervoor genoemde uitspraak van deze rechtbank is toegelicht dat en waarom de rechtbank niet verlangt dat de deskundigenverklaring voldoet aan de eisen van artikel 1:28a BW. Onder verwijzing naar die motivering komt de rechtbank tot het oordeel dat de verklaring van de huisarts in dit geval kan dienen als onderbouwing van het verzoek van [verzoeker] . De rechtbank is van oordeel dat [verzoeker] voldoende heeft aangetoond dat die de overtuiging heeft een non-binaire persoon te zijn. Uit de door de rechtbank geaccepteerde verklaring van de huisarts leidt de rechtbank af dat bij [verzoeker] sprake is van een weloverwogen keuze om de vermelding van het geslacht in de geboorteakte te laten wijzigen. De rechtbank zal de ambtenaar dan ook gelasten om aan de geboorteakte een latere vermelding toe te voegen van de wijziging van het geslacht, in die zin dat het geslacht zal zijn: “X”. Voornaamswijziging Naar het oordeel van de rechtbank is uit de stukken voldoende gebleken van een zwaarwichtig belang bij toewijzing van het verzoek tot voornaamswijziging. De gevraagde voornamen zijn geoorloofd naar de maatstaven van artikel 1:4 tweede lid BW. De rechtbank zal dit verzoek daarom eveneens toewijzen. Gelet op het bepaalde in artikel 1:20 BW in samenhang met artikel 1:20a BW, zal de rechtbank het verzoek van [verzoeker] om de ambtenaar te gelasten om deze wijziging aan de geboorteakte toe te voegen afwijzen bij gebrek aan belang. Uitvoerbaarverklaring bij voorraad De rechtbank zal de beslissingen niet uitvoerbaar bij voorraad verklaren, omdat de aard van de zaak zich daartegen verzet.