Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2023-12-22
ECLI:NL:RBDHA:2023:20588
Bestuursrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,605 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Bestuursrecht
zaaknummer: AWB 23/569
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 22 december 2023 in de zaak tussen
[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres
(gemachtigde: mr. M.L.M. Klinkhamer),
en
de minister van Financiën, verweerder
(gemachtigde: mr. L. Woudenberg en mr. A. Cramer).
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de toewijzing van het AVG-verzoek van eiseres.
1.1.
Met het bestreden besluit van 14 december 2022 op het bezwaar van eiseres is verweerder bij deze toewijzing gebleven.
1.1.
De rechtbank heeft het beroep op 17 oktober 2023 digitaal op zitting behandeld. Eiseres was aanwezig, bijgestaan door mr. [naam] , die waarnam voor de gemachtigde van eiseres. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Beoordeling
Waar gaat deze zaak over?
2. Eiseres heeft verzocht om inzage in haar persoonsgegevens die in het systeem FSV van de Belastingdienst staan geregistreerd. Verweerder heeft dit verzoek aangemerkt als een inzageverzoek in de zin van de AVG en heeft dit verzoek toegewezen en vastgesteld dat geen persoonsgegevens van eiseres in de FSV zijn opgenomen.
Wat vindt eiseres in beroep?
3. Uit een mailwisseling met de Belastingdienst blijkt dat eiseres deel uitmaakt van het project 1043. Burgers die in dit project vielen zijn op de FSV-lijst geplaatst. Dat mensen met de code 1043 op de FSV lijst staan, blijkt uit rechtspraak van de Hoge Raad. Ook blijkt dit uit gebeurtenissen in het leven van eiseres. Zo wordt zij structureel tegengewerkt door de Belastingdienst, krijgt extra controle en het WNSP traject is gestagneerd. Verweerder heeft geen tastbare gegevens overlegd die aannemelijk maken dat eiseres niet op de FSV lijst staat of dat haar gegevens in het verleden niet van de FSV lijst zijn verwijderd.
Wat is het oordeel van de rechtbank?
4. Bij de beoordeling stelt de rechtbank voorop dat degene die stelt dat er meer persoonsgegevens moeten zijn, nadat het bestuursorgaan onderzoek naar die gegevens heeft gedaan en niet ongeloofwaardig heeft medegedeeld dat er niet meer persoonsgegevens zijn, aannemelijk moet maken dat er wel meer persoonsgegevens zijn.
5. Verweerder heeft zich op het standpunt gesteld dat de persoonsgegevens van eiseres niet in de FSV voorkomen. Dit is gecontroleerd in de beschikkingsfase, de bezwaarfase en ook in beroep is nogmaals gekeken of eiseres op de FSV voorkomt. Verweerder heeft in dit kader toegelicht dat de FSV en projectcode 1043 weliswaar overlappende signalen hebben, maar niet direct met elkaar verbonden zijn. Volgens verweerder worden 1043-signalen vanaf begin 2018 ook niet meer in de FSV opgenomen. De rechtbank acht het daarom niet ongeloofwaardig dat de persoonsgegevens van eiseres niet in de FSV zijn opgenomen.
De rechtbank begrijpt dat eiseres met name graag meer inzicht wil hebben in de systemen, omdat zij de stellingen van verweerder nu niet kan controleren en dat zij vindt dat verweerder meer moet onderbouwen. Echter in het licht van de bewijslastverdeling tussen partijen is de rechtbank van oordeel dat verweerder voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat eiseres niet op de FSV staat vermeld. Het is daarom aan eiseres om aannemelijk te maken dat zij wel op de FSV staat vermeld. Zoals eiseres ter zitting ook heeft bevestigd, is het niet gebleken dat personen die projectcode 1043 hebben automatisch ook op de FSV lijst voorkomen. De rechtbank leest ook in de uitspraak van de Hoge Raad van 10 december 2021 niet dat iedereen in het project 1043 ook op de lijst FSV staat. Ook maken de persoonlijke omstandigheden van eiseres onvoldoende aannemelijk dat haar persoonsgegevens wel in de FSV staan, deze omstandigheden kunnen ook op andere wijze verklaard worden. Dat eiseres medewerkers van de belastingdienst heeft gesproken die haar andere informatie hebben gegeven over haar persoonsgegevens, kan niet tot een ander oordeel leiden. Zo heeft eiseres ter zitting gesteld dat die personen hebben gezegd dat er iets bij haar naam stond, maar hebben ze niet gezegd of dit om projectcode 1043 of de FSV ging. Dat de medewerker van de klachtencommissie zou hebben gezegd dat eiseres wel op de FSV stond, is onvoldoende omdat dit niet uit stukken blijkt.
Wat is de conclusie?
6. Het beroep is ongegrond.
7. Voor een proceskostenveroordeling is geen aanleiding.
Dictum
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar door mr. M.J.L. van der Waals, rechter, in aanwezigheid van mr. T. Verschoor, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 22 december 2023.
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.
Algemene verordening gegevensbescherming
Fraude Signalering Voorziening.
Zie artikel 15 van de AVG.
De uitspraak van de Hoge Raad van 10 december 2021, ECLI:NL:HR:2021:1748.
Wettelijke schuldsanering.
Uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State van 19 januari 2022, ECLI:NL:RVS:2022:148.