ECLI:NL:HR:1952:294
gestelde, doch ontkende feit, dat [B] te dezen was opgetreden namens [A] doos de overgelegde bewijzen van deelneming, zoals de Rechtbank de bewoordingen daarvan verstond, gelet op hetgeen de Rechtbank aannam, dat omtrent de in dezen aan [B] opgedrage...