ECLI:NL:HR:1981:AG4158
ECLI:NL:HR:2022:853
ECLI:NL:GHARN:2007:BA1411
4.1 Het gaat in deze zaak om de vraag of [geïntimeerde] op de voet van artikel 56i Pachtwet aan [appellant] ter zake van de onder 3.8 bedoelde vervreemding een vergoeding verschuldigd is. De pachtkamer in eerste aanleg heeft die vraag ontkennend bean...
ECLI:NL:GHARN:2007:BA1411
4.1 Het gaat in deze zaak om de vraag of [geïntimeerde] op de voet van artikel 56i Pachtwet aan [appellant] ter zake van de onder 3.8 bedoelde vervreemding een vergoeding verschuldigd is. De pachtkamer in eerste aanleg heeft die vraag ontkennend bean...
ECLI:NL:GHARN:2007:BA1411
4.1 Het gaat in deze zaak om de vraag of [geïntimeerde] op de voet van artikel 56i Pachtwet aan [appellant] ter zake van de onder 3.8 bedoelde vervreemding een vergoeding verschuldigd is. De pachtkamer in eerste aanleg heeft die vraag ontkennend bean...
ECLI:NL:GHARN:2006:AZ1515
een goed pachter in de zin van artikel 25 Pachtwet heeft gedragen. 4.15 [appellant] heeft geen feiten of omstandigheden gesteld waaruit zich laat afleiden dat het berekende “verlies” van 98 eenheden varkensrecht berust op een gebrek aan zorg door wij...
ECLI:NL:GHARN:2007:BA1411
4.1 Het gaat in deze zaak om de vraag of [geïntimeerde] op de voet van artikel 56i Pachtwet aan [appellant] ter zake van de onder 3.8 bedoelde vervreemding een vergoeding verschuldigd is. De pachtkamer in eerste aanleg heeft die vraag ontkennend bean...
ECLI:NL:GHSGR:2009:BL0039
1 Het gaat in dit geding – samengevat – om het volgende. 1.1 Blijkens een akte, aangegaan tussen [vader] als verkoper en zijn zoon [appellant] (thans appellant) als koper en door laatstgenoemde ondertekend op 31 oktober 2005, is op 7...
ECLI:NL:GHARN:2005:AU6827
5.1 Het onderhavige hoger beroep betreft de vordering van de gemeente tot ontbinding van de pachtovereenkomst uit hoofde van artikel 54, derde lid, van de Pachtwet. De pachtkamer in eerste aanleg heeft deze vordering afgewezen. 5.2 Het hof i...