ECLI:NL:HR:2016:252
ECLI:NL:CRVB:2009:BH1009
ECLI:NL:HR:2010:BL1116
ECLI:NL:HR:2005:AO9006
ECLI:NL:CRVB:2024:1152
zesde lid, van de Wet studiefinanciering 2000 “1. Maatstaf voor de vaststelling van de draagkracht van de debiteur uit inkomen is het totaal van zijn toetsingsinkomen en dat van zijn partner in het peiljaar. Het aldus bep...
ECLI:NL:CRVB:2015:1701
diefinanciering te allen tijde dient te worden benut en voorgaat op onderwijs waarbij de jongere geen aanspraak heeft op studiefinanciering. Indien de jongere die mogelijkheid niet benut, valt hij ook onder het bereik van de in voormelde bepaling nee...
ECLI:NL:CRVB:2017:4044
Raad oordeelt als volgt. 4.1.1. Artikel 5.2, eerste lid, van de Wsf 2000 zoals dat luidde tot 1 september 2015, bepaalde, voor zover van belang, dat studiefinanciering, met uitzondering van de basislening en de aanvullende lening, gedurende 4 jaren w...
ECLI:NL:CRVB:2026:779
ugustus 2024. (…) 5. Het vierde lid, onderdeel b, is niet van toepassing op degene die: (…) b . in aanmerking komt voor studiefinanciering als bedoeld in artikel 3.1, eerste of tweede lid, van de Wet studiefinanciering 2000; Artikel 78ee van de Parti...
ECLI:NL:CRVB:2016:3391
de Wijzigingswet komt het volgende naar voren. Aanleiding voor het wetsvoorstel is de strategische agenda voor het hoger onderwijs-, onderzoeks- en wetenschapsbeleid. In die agenda is vermeld dat meer studenten de afgelopen jaren zijn gaan lenen en d...