ECLI:NL:HR:1981:AG4158
ECLI:NL:CRVB:2009:BH1009
ECLI:NL:RVS:2022:3352
ECLI:NL:HR:2008:BD2578
ECLI:NL:HR:2022:853
ECLI:NL:HR:1997:AA2133
430, onder 3, stelt de vraag: "VOOR WELKE INHOUDINGSPLICHTIGE GELDT DE REGELING? (...) Een definitie van zeescheepvaartbedrijf wordt niet gegeven. Uit de wetsgeschiedenis blijkt dat de regeling ook geldt voor het baggerbedrijf. Ik neem aan dat onder...
ECLI:NL:RVS:2026:830
ldigheid behoudt tot de daarop aangegeven einddatum. Op grond van het tweede lid blijft op een aanvraag voor een bemanningscertificaat die is ingediend voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, het recht van toepassing zoals dat gold onmid...
ECLI:NL:RVS:2002:AF2529
gd zijn, hetzij omdat zij slechts een "verkoop-modaliteit" behelst in de zin van het Keck en Mithouard- arrest en daarbij geen sprake is van discriminatie, hetzij omdat zij voldoet aan de maatstaven die daarvoor door het Hof in andere arresten, met n...
ECLI:NL:RVS:2026:831
ldigheid behoudt tot de daarop aangegeven einddatum. Op grond van het tweede lid blijft op een aanvraag voor een bemanningscertificaat die is ingediend voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, het recht van toepassing zoals dat gold onmid...